1 februari was een zwarte dag voor Nederland en bepaalde delen van Zeeland in het bijzonder. Stormvloed en zware noordwesterstorm maakten dat grote delen van Zeeland en West-Brabant langdurig onder water kwamen te staan. Uiteindelijk kostte de ramp het leven aan 1835 + 1.

In 2001 opende het Watersnoodmuseum haar deuren onder het motto: ‘herdenken, herinneren en weten’. Langzaam maar zeker groeide het museum uit tot wat het nu is. Sinds 2017 fungeert het museum als Nationaal Kennis- en Herinneringscentrum.

Op 1 februari 2018 wordt voor de 65ste keer deze ramp herdacht.

Hoe het water Zeeland trof

Hoe het water Zeeland trof

Moeten we bang zijn voor de invloeden van klimaatverandering? Het smelten van de ijskappen, De steeds veelvuldiger voorkomende stormen met daaraan gepaard gaande enorme hoosbuien? Het nieuwe begrip tsunami?

Het vierde caisson van het museum stond de afgelopen vijf jaar  in het teken van technische innovaties in de zuidwestelijke Delta. De inrichting hiervan liet juist zien dat water níet per definitie een vijand hoefde te zijn.  De doorsnee Nederlander houdt geen rekening meer met een ernstige overstroming en vertrouwt wat dat betreft blind op overheidsmaatregelen.  Het gevolg is dat de gemiddelde burger nauwelijks is voorbereid op mogelijk naderend onheil. Zeker niet in vergelijking met landen wereldwijd.

Het plaatsen van de Caissons bij Ouwerkerk

Het plaatsen van de Caissons bij Ouwerkerk

De vierde caisson zal een enorme metamorfose ondergaan. Wat men in het vierde caisson gaat doen, is inspelen op het gevoel, onder meer aan de hand van actuele gebeurtenissen.  Het is duidelijk gebleken  dat persoonlijke verhalen beter binnen komen en het meest aanspreken. Van de wereldwijde strijd tegen de vloed wordt een presentatie gemaakt die goed aansluit bij wat er te zien is in de eerste caissons.

Voor de herinrichting heeft het Watersnoodmuseum een behoorlijke steun gekregen. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat heeft een bijdrage van vierhonderdduizend euro toegezegd in de inrichtingskosten. De provincie Zeeland stelt één ton beschikbaar en de resterende driehonderdduizend euro verwacht directeur Siemco Louwers grotendeels nog weg te halen bij fondsen en bedrijfsleven.

Die nieuwe expositie wordt opgebouwd uit negen verschillende onderdelen. Blikvanger wordt een vijftien meter groot projectiescherm. Hierbij komt de oerkracht van het water heel goed naar voren. Je ziet onder meer het legendarische ‘houwen jongens’ van Colijnsplaat; het groepje dat met man en macht wist te voorkomen dat de vloedplanken in een coupure van de dijk onder de beukende golven bezweek.  Dat beeld zetten we naast de verwoestende tsunami en andere hedendaagse watersnoodrampen.

Het resultaat van een tsunami- hele dorpen verdwenen in een oogwenk

Het resultaat van een tsunami- hele dorpen verdwenen in een oogwenk

Het verhaal van de tsunami in de Indische Oceaan wordt verteld door een Nederlandse vrouw die Kerst 2004  met haar kinderen in dat gebied was. Een heel aangrijpend filmisch document.  Bijzonder wordt ook een wereldbol waarop aan de hand van projecties de gevolgen van de zeespiegelstijging inzichtelijk worden gemaakt. Je ziet in één oogwenk dat het allemaal met elkaar samenhangt. Het initiatief is zeker een compliment aan het adres van Siemco Louwers waard. Zonder zijn onverdroten inzet kon deze, voor de wereld unieke, expositie nooit tot stand zijn gekomen.

Zijn deze plotselinge en vernietigende aanvallen van de natuur tegen te houden

Zijn deze plotselinge en vernietigende aanvallen van de natuur tegen te houden ?

Het vernieuwde vierde caisson wordt 1 februari, tijdens het symposium na afloop van de nationale (65ste) herdenking van de watersnoodramp uit 1953  in gebruik genomen.

Bewerking van bron PZC.