Ondanks de uitstekende scheepvaartbegeleiding op de Zeeuwse wateren, kan er natuurlijk altijd nog iets misgaan. Er kan een aanvaring plaatsvinden, tijdens storm strandt een schip op de kust of er moet een gewonde zeeman van een schip afgehaald worden. Dan komen organisaties als de Kustwacht en de KNRM in actie. Sleepboten- en bergingsbedrijven kunnen worden ingezet of oliebestrijdingsvaartuigen worden naar de plaats van een verontreiniging gedirigeerd. De hulpverlening komt vaak pas in het nieuws als er iets gebeurd is. Maar achter de schermen zijn er continu veel mensen elke dag weer paraat om zo snel mogelijk in actie te komen als dat nodig is.

Omgeslagen zandzuiger op de Westerschelde. Foto httpswww.onderzoeksraad.nlnlbeeldbank

Omgeslagen zandzuiger op de Westerschelde. Foto httpswww.onderzoeksraad.nlnlbeeldbank

 

Wat gebeurt er bij een calamiteit?

Rijkswaterstaat staat 24 uur per dag paraat en komt waar nodig in actie. Ze werken in geval van een calamiteit samen met veel andere organisaties en bedrijven, zoals de kustwacht, KNRM, (water)politie, ziekenhuizen, sleepboten en havenbedrijven. Ze beschikken over een monitoring- en informatiesysteem waarin gegevens van de scheepvaart op Europees niveau verzameld en opgeslagen zijn.

Vaststellen soort calamiteit en welke hulp

Er zijn verschillende soorten incidenten, waarbij er verschillende acties uitgevoerd kunnen worden door soms andere hulpverleners. De maatregelen die getroffen worden, hangen af van de situatie, maar ook van de te verwachten gevolgen van een incident. Afhankelijk van de soort calamiteit wordt gereageerd op de situatie.

  • Zijn er mensenlevens in gevaar? Denk aan een zinkend schip, gewonde opvarende of er is brand aan boord. Dan komt de reddingsmaatschappij in actie. Sleepboten schieten te hulp of de Marine stuurt een helikopter.
  • Wat zijn de gevolgen voor de natuur? Bij een olieverontreiniging komt Rijkswaterstaat zelf snel in actie met olieschermen, schepen met veegarmen et cetera.
  • In veel gevallen moeten andere watergebruikers in de omgeving van de calamiteit gewaarschuwd worden.

Stranding, aanvaring of zinken van een schip

Ondanks het feit dat schepen periodiek gekeurd worden, er regelmatig aanpassingen aan schepen gedaan worden door geleerde lessen (ongelukken) in het verleden, zit een ongeluk nog steeds in een klein hoekje. Als een schip dicht onder de kust vaart en getroffen wordt door een stroomstoring, kan het binnen de kortste keren vastlopen op het strand of en aanvaring hebben met een ander schip. Er moet dan gekeken worden of de bemanning van boord gehaald moet worden en of het schip of de lading gevaar biedt voor de overige schepen in de vaargeul. Het gevaar bestaat dat het schip kan plooien en dat er dan olie vrijkomt in het water. Ook moeten er sleepboten en/of bergingsschepen komen die proberen het schip vlot te treken of zinken te voorkomen.

Gestrande tanker op de kust tijdens slecht weer. Foto laatzeelandzien.nl

Gestrande tanker op de kust tijdens slecht weer. Foto laatzeelandzien.nl

 

Medische hulpverlening of evacuatie van boord

Bij ernstige ongelukken of een zieke opvarende aan boord van een schip, kan de kapitein een arts van de Radio Medische Dienst van de KNRM (Koninklijke Nederlandse Reddingsdienst) om een advies vragen. Dit zijn artsen met een maritieme achtergrond, die goed kunnen inschatten wat er zich op een schip in een dergelijk geval en omstandigheden kan afspelen. Eerst wordt met de kapitein via de telefoon of marifoon gesproken om een beeld te krijgen van het ongeval of de zieke. Daarna kan de arts medicijnen voorschrijven, eerste hulp aan boord laten uitvoeren of adviseren het slachtoffer van boord te laten halen. Een patiënt van boord halen kan of met een reddingsboot van de KNRM gebeuren of er wordt een helikopter ingeschakeld.

Olielekkage

Het komt regelmatig voor dat schepen olie verliezen, bijvoorbeeld door een ongeluk, of werkzaamheden in de haven. Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor het voorkomen van verontreinigingen, beperken van de gevolgen en opruimen van gelekte olie. Voorkomen is beter dan genezen. Om goed voorbereid te zijn op olierampen, staat op diverse strategische locaties materiaal gereed om olievlekken te verwijderen. Het gaat dan om speciale vaartuigen en systemen van specialistische bedrijven, maar ook materieel van Rijkswaterstaat zelf. Er worden risicoanalyses gemaakt zodat men een beeld heeft wat de mogelijke effecten op de natuur en de kosten van het opruimen kunnen zijn.

Vindt er een verontreiniging plaats, dan wordt geprobeerd die te beperken met middelen die de olie binden, of speciale, drijvende schermen. Aansluitend wordt de olie opgeruimd met speciale schepen met oliestofzuigers.

Rond de olie uit een lekkende tanker is een scherm aangebracht. Bron httpswww.rijkswaterstaat.nl

Rond de olie uit een lekkende tanker is een scherm aangebracht. Bron httpswww.rijkswaterstaat.nl

 

Brand aan boord

Speciale blusvaartuigen kunnen ingezet worden op zee, binnenwateren of in een haven. Bij brand in een haven kan bovendien de “reguliere“ brandweer helpen. Blusvaartuigen zijn ingericht op het bestrijden van incidenten en beschikken over een getrainde bemanning. Ze kunnen langdurig grote hoeveelheden water verpompen, hebben speciale brandbestrijdingsapparatuur en zijn uitgerust met precisie plaatsbepalingsapparatuur om op de juiste plaats ten opzichte van het brandende schip te gaan liggen en in die positie te blijven. Ook worden de schepen ingezet bij calamiteiten met giftige of explosieve stoffen.

Duikongevallen

Ook onder water kan er een ongeval plaatsvinden. Het Grevelingenmeer en de Oosterschelde zijn favoriete plekken om te duiken. Helaas gaat dit diverse keren per jaar mis. Soms gaat het om duikers naar een decompressietank te brengen in geval van te snel naar boven komen (Caisson-ziekte). Soms komt een duiker niet boven of gaat met de stroming mee naar een andere plaats. Dan wordt de brandweer, maar vaak ook de Marine ingeschakeld om met speciale sonarapparatuur te zoeken.

Populair duiken in de Oosterschelde. Foto www.laatzeelandzien.nl

Populair duiken in de Oosterschelde. Foto www.laatzeelandzien.nl

 

Coördinatie van de hulpverlening

Als er een ongeluk of een andere calamiteit plaatsvindt, is een verkeerspost van Rijkswaterstaat de coördinator van de hulpverlening. De verkeerspost onderhoudt directe contacten met patrouilleschepen van Rijkswaterstaat, de politie en de havendiensten, met de regionale politie en brandweer en houdt het scheepvaartverkeer op de hoogte. Een patrouilleschip kan ter plaatse de leiding hebben.

Zoeken naar drenkelingen

Bij een zogenaamde Search and Rescue actie (het zoeken en redden van drenkelingen) ligt de operationele leiding bij het Kustwachtcentrum in Den Helder.

Als de kustwacht gealarmeerd wordt, dan worden hiervoor de reddingsschepen van de KNRM ingezet. Ook Marineschepen worden vaak te hulp geroepen. Zij beschikken over uitgebreide communicatie- en zoekapparatuur. Ook kan er een beroep worden gedaan op de helikopter die de schepen aan boord hebben. Zeker bij storm is een helikopter vaak beter inzetbaar dan een reddingsboot omdat die moeite heeft langszij het schip in nood te komen door de hoge golven.

Drenkeling uit het water halen. Foto www.laatzeelandzien.nl

Drenkeling uit het water halen. Foto www.laatzeelandzien.nl

 

 

 

KNRM in Zeeland

Kuststaten hebben de internationale verplichting om een goed georganiseerd reddingwezen te onderhouden. Zeeland maakt onderdeel uit van de KNRM die de hele Nederlandse kust bewaakt. In Zeeland zijn er reddingsstations in Hansweert, Neeltje Jans, Veere, Westkapelle, Breskens en Cadzand.

 

Zoals gezegd, een ongeluk zit in een klein hoekje. Maar Zeeland is 24 uur per dag gereed om in te grijpen en de gevolgen klein te houden.

Tekst: Kees Kole – wilt u meer lezen van deze schrijver? Kijk dan hier.