In de tijd van de Romeinen was Haamstede al een bestaande nederzetting. Dat blijkt uit opgravingen op die plaats uit die tijd.

Naam en voorgeschiedenis

Over de naamgeving van Haamstede is men het niet eens geworden. Mogelijk is Haamstede een afgeleide van ‘Haagman’, een stuk land omgeven door een dijk of een dam. Zo werden de eerste polders in de duinen immers genoemd.

Volgens een tweede lezing is de naam afkomstig van een kreek, ‘De Hamer’. Deze kreek was een zijtak van de Schelde. Waar de naam ook vandaan komt, Haamstede is in ieder geval een heel oude nederzetting

Snuffelend in oude archieven ontdekken we dat er in 1229 voor het eerst gesproken wordt over een burcht in Haamstede. Toch kunnen we ervan uitgaan dat de burcht ouder is. Op een officiële lijst van de Heren van Haamstede staat Costinus van Haamstede uit 1150 als eerste vermeld.

Van de beginjaren van Slot Haamstede is weinig bekend.  Datzelfde geldt voor veel andere vroege kastelen en burchten.  Hoewel we ons bij de naam kasteel geen grote illusies moeten maken.

Noormannen plunderen onze kusten

Donjons

Tot aan het jaar 1000 bestonden burchten uit vierkante of ronde woontorens die goed te verdedigen waren.  De woontorens bestonden uit drie of vier, boven elkaar gebouwde vertrekken. Deze donjons waren voornamelijk gebouwd om zich te verdedigen tegen de aanvallen van de Noormannen. Waarschijnlijk werd het slot in de tijd van de Vikingen al gebruikt als uitvalsbasis.

Om de toren, die opgetrokken was op een aangelegde heuvel, werd een muur van puntige palen en het geheel werd omgeven door een diepe gracht.

Buiten de gracht bevond zich een verzameling van houten of lemen hutten. Deze werden gebruikt als stallen, korenschuur, de bakoven, een smidse en hutten voor het personeel. Om dit ‘dorp’ werd ook weer een palissade en een gracht gebouwd.

Na het jaar 1000 werd er begonnen met het bouwen van beter te verdedigen donjons van steen. We mogen ervan uitgaan dat de eerste burcht van Haamstede een hier eerdere beschreven donjon is geweest. Vanuit dit primitieve verdedigingswerk heeft zich later het imposante slot Haamstede ontwikkeld.

Romeinse wachttoren, voorloper van de donjon

Ruilhandel

Omstreeks 1200 stierf het geslacht Van Haamstede, de toenmalige bezitters van het kasteel, donjon, of wat het ook geweest moge zijn, uit. Het gebouw kwam in handen van de Hollandse graaf Floris IV. Helemaal tevreden was Floris hier niet mee. In 1229 sloot hij een deal met de heren van Zierikzee. Er werd overeengekomen dat de Zierikzeese heren hun bezittingen op Duiveland zouden ruilen tegen een aantal bezittingen van graaf Flores op Schouwen. Daaronder viel de burcht in Haamstede.

 

 

 

 

Witte’s wapen en de schildhouders van Eyndius boven de toegangspoort – foto H.M.D. Dekker

 

Twee takken

Niet lang na deze ruil splitste het geslacht van de heren van Zierikzee zich in twee takken. De ene tak nam de naam Van Haamstede aan. De andere liet zich verder Van Renesse noemen.

Rond 1300 overleed de laatste Van Haamstede en hij liet geen nagelacht achter. Jan I, de graaf van Holland kon nu de heerlijkheid Haamstede aan zijn broer Witte van Holland belenen. In 1297 had Jan I de bezittingen van Jan van Renesse verbeurt verklaart. Witte kreeg dus een aardig bezit. In de jaren die volgden werd Witte bekend als een onverslaanbaar veldheer en zag hij kans zijn bezittingen nog verder uit te breiden. Daardoor steeg hij aanzienlijk in aanzien.

Witte van Haemstede op de Blinkert bij Haarlem – (Jacobus van Dijck)

Steenhuis

Bij naspeuringen werd een oorkonde uit 1313 aangetroffen. Hierin was sprake van een ‘steenhuis’. Dit doet vermoeden dat de oorspronkelijke houten donjon herbouwd was en opgetrokken uit baksteen. Deze uit steen opgetrokken donjon is nog steeds het oudste deel van het slot. Veel later zijn de twee huidige torens daar tegenaan gebouwd.

Ramp

In het midden van de 15de eeuw verloor het geslacht Van Haamstede definitief haar rechten op het slot. De heer van Brugge, Lodewijk van Gruuthuse, werd de volgende eigenaar. De dochter van Hendrik IV van Borsele, Margaretha, was zijn echtgenote. Beiden kwamen uit families die gewend waren aan luxe. Zij zorgden er voor dat het slot aanzienlijk werd verbouwd.

In 1525 had keizer Karel V de Fransen verslagen bij de slag bij Pavia. Lodewijk, die aan de kant stond van de keizer, zag hierin een reden een groot feest te organiseren. Lange rijen teer- en pektonnen werden opgesteld om de tuin te verlichten. Maar men had geen rekening gehouden met de wind die de vlammen richting kasteel stuwden. Het gevolg was dat het slot in brand vloog en geheel uitbrandde. Voor van Gruuthuse een reden om de deplorabele ruïne achter te laten en terug te keren naar Brugge.

Brand van slot Haamstede in 1625, Tekening van C. Rochussen

Jacob van Eijnde

In de jaren die hierop volgde ging steeds meer van de ruïne verloren. Tot 1609. Clara van Raephorst erfde de bouwval en de tuinen van haar moeder. Zij was getrouwd met Jacob van Eijnde. Samen begonnen zij aan de restauratie van het slot. Onder hun beheer werden de twee torens aan weerszijden van de oorspronkelijke donjon opgetrokken. Op de torens werden windvanen geplaats in de vorm van de leeuw uit het wapen van Witte van Haamstede. Boven het poortgebouw kreeg het wapen van hem een prominente plaats.

Ook daaropvolgende bezitters van het slot hebben kosten noch moeite gespaard om het slot verder uit bouwen en te verfraaien. Rond 1700 kwam werd slot eigendom van de familie Mogge. Zij bleef eigenaar van slot Haamstede tot het midden van de 19de eeuw. Zij verkochten het aan een aantal notabelen uit Zierikzee. Uiteindelijk werd het slot gekocht door één van hen; Cornelis van der Leck de Clercq een notaris in Zierikzee. Hij werd tevens ambachtsheer van Haamstede.

Cornelis van der Leck de Clercq

 

In 1886 volgde zijn zoon hem op. Deze begon aan een uitgebreide restauratie van het slot. Zijn opvolgers brachten Haamstede in in een vennootschap die het slot met de tuinen gingen exploiteren.

Slot Haamstede in de steigers in 1970 – Foto PZC

Toekomstbestendig

In 1973 werd slot Haamstede opnieuw grondig gerestaureerd. Nu met hulp van de Rijksdienst voor Monumentenzorg. Dat had tot gevolg dat dit historische kasteel met het kasteelbos en het uitgestrekte duingebied daarna werd aangekocht door de Vereniging Natuurmonumenten. Hiermee werd de toekomst voor Slot Haamstede zeker gesteld.

 

 

 

Achterzijde van het slot – foto Bert Kaufmann – Publiek domein Wiki

Open voor publiek

Het slot Haamstede ligt prominent in centrum van Haamstede. Het is zodanig gelegen dat men het aan alle kanten kan bekijken. Momenteel wordt het door particulieren bewoond. Om die reden is het niet permanent open voor het publiek. Toch worden er regelmatig excursies georganiseerd. In ieder geval kan het slot jaarlijks tijdens open monumentendag worden bezichtigd.

Een leuke tip voor mensen die interesse hebben in een bezoek aan een van de oudste kastelen van Zeeland, compleet met slotgracht en uitgestrekt duingebied.