Naast mosselen en oesters die de hoofdmoot van de schelpdieren voor hun rekening nemen in de Zeeuwse aqua-wereld, zijn er een aantal andere schelpdieren die al korte of langere tijd een plaats opeisen. Een ervan is de kokkel. De kokkel (Cerastoderma) wordt ook wel  een ‘kokhaan’ genoemd.

Kokkel, (Cerastoderma) - Foto Féron Benjamin - commons.wikimedia.org

Kokkel, (Cerastoderma) – Foto Féron Benjamin – commons.wikimedia.org

Aan het strand zie je ze soms bij duizenden liggen. Lege kokkel schelpen. Veel mensen verzamelen schelpen als ze op het strand zijn. Dus waarschijnlijk hebben velen van ons ze in handen gehad of meegenomen naar huis. Alleen denken we er niet vaak aan wat er ooit in heeft gezeten.

Kokkels zijn een delicatesse in Zuid-Europese landen en ongemerkt hebben sommige mensen op vakantie deze schelpdiertjes daar al eens gegeten. In de paella of fruits-de-mer. Maar in Nederland zie je ze bijna alleen bij de vis speciaalzaken. Toch komen veel kokkels in Spanje en Italië uit Nederlandse wateren.

 

 

 

 

 

 

Kokkelschelpen aan de Zeeuwse kust Foto Albert Kok - commons.wikimedia.org.

Kokkelschelpen aan de Zeeuwse kust Foto Albert Kok – commons.wikimedia.org.

Wat is een kokkel, waar en hoe leven ze en hoe zien ze eruit?

  • Een kokkel is een schelpdier in een dik en geribbeld wit, geelbruin of bruin schelpje;
  • Kokkels leven tot op een diepte van ongeveer vijftien meter en een aantal centimeter diep in de zandbodem van de zee;
  • De schelpen zijn meestal een paar centimeter groot en kunnen maximaal 6 centimeter groot worden;
  • Kokkels leven zoals veel andere schelpdieren van plankton dat ze uit het water filteren. Dit doet een kokkel met behulp van een soort buisjes die ze uit het zand steken;
  • Kokkels komen voornamelijk voor in de Waddenzee en deltagebieden als de Oosterschelde.
  • Als de winterperiode erg koud is dan is de kokkelsterfte groot en de aanvoer slecht. De periode waarin dit schelpdier zich voortplant is hoofdzakelijk in de maand juli tot en met augustus.

Een vernuftig filtersysteem

Kokkels leven net onder de zeebodem in het zand. De schelpdieren hebben twee buisjes die net boven het zand uitsteken en waar op een slimme manier gebruik van wordt gemaakt. Het voedsel wat in het water zit, wordt door de ene buis naar binnen gezogen. Voor de afvalverwijdering wordt de andere buis gebruikt.

Gewone kokkel in zijn natuurlijke omgeving. Foto Ecomare-Sytske Dijksen -commons.wikimedia.org

Gewone kokkel in zijn natuurlijke omgeving. Foto Ecomare-Sytske Dijksen -commons.wikimedia.org

Visserij op kokkels

Ook al worden er, om onbegrijpelijke reden, weinig kokkels in Nederland zelf gegeten, de visserij op de schelpdieren vindt wel plaats in ons land. Op de Waddenzee, in de Oosterschelde en de Voordelta, voor de Zeeuwse kust. Er zijn 2 vormen van kokkels vissen: handkokkelvisserij en mechanische visserij met schepen.

Kokkelvisser aan het werk

Kokkelvisser aan het werk

 

 

 

Mechanische kokkelvisserij

Omdat er op een gegeven moment meer vraag was naar kokkels en handmatig verzamelen zeer arbeidsintensief was, ging men dit mechanisch doen. Daarbij werd gevist met grote, brede schepen met weinig diepgang. Deze schepen kunnen met een lage waterstand al boven de platen varen en vissen. Op deze manier kan er efficiënt gebruik gemaakt worden van het getij.

Speciale vismethode

Om vanaf schepen te vissen is een speciale techniek ontwikkeld. Vissen gebeurt met een zogenaamde kokkelkor. Dit is een stalen kooi met een spuitmond, die het zand tussen de kokkels wegspuit. Met behulp van een zuigmond worden de kokkels aan boord gezogen. Via een verwerkingslijn aan boord worden de kokkels vervolgens op een hoop, los op het platte dek opgeslagen. Omdat dit dek door de grootte van de schepen een groot oppervlak heeft, kunnen er grote hoeveelheden worden opgeslagen. De kokkels worden d.m.v. een transportbandensysteem gelost in vrachtwagens die de kokkels naar de verwerkingsfabrieken brengen.

 

Verbod op mechanische kokkelvisserij

Deze manier van vissen nam enorm toe vanaf 1970, tot het moment dat de mechanische visserij in de Waddenzee en Oosterschelde aan banden werd gelegd. Dit gebeurde in 2005. Nu is deze vorm van kokkelvisserij alleen nog maar mondjesmaat toegestaan in de Oosterschelde en de Voordelta.

Kokkelbank op het wad, Foto Ecomare

Kokkelbank op het wad, Foto Ecomare

Handkokkelvissen

Bij deze vorm van visserij wordt een kokkelbeugel met handkracht door de bovenste centimeters van de bodem getrokken. Dit kun je zien als een hark waaraan een net is bevestigd. De visser loopt met de beugel langzaam achteruit en trekt als het ware de bodem een klein beetje los. De kokkels komen op deze manier los uit het zand en in het net terecht.

Gebruik maken van de natuur: eb en vloed

Om op deze manier kokkels te vissen moet je gebruik maken van het getij. Dit kan maar een paar uur. Namelijk alleen in die periode waarin er boven de zandplaat niet te veel, maar ook weer niet te weinig water staat. Minimaal tien centimeter en maximaal een halve meter of iets meer. Zou je dit doen als er geen water stond, dan zit er allemaal zand in de kokkels. Door gebruik te maken van het beetje water boven op de zandplaat, wort het zand al grotendeels weggespoeld.
Als het net vol is, wordt het in een klein bootje geleegd of men heeft grote netten in kooi achtige constructies in het water weggezet, die men steeds vult. Later, als men stopt met het vissen, worden deze aan boord van het schip gehesen.
Omdat er maar enkele uren gevist wordt, moet dit dus gebeuren op een stuk waar veel kokkels in het zand zitten anders is het niet rendabel.

Verwerking en afzetmarkt

De bij de verwerkingsbedrijven aangevoerde kokkels worden eerst enkele dagen verwaterd. Dit wordt gedaan om de kokkel tot rust te laten komen na de vangst. Op deze manier werkt de kokkel ook het nog aanwezige zand uit de schelp. Verwateren is een processtap die bij alle schelpdieren wordt toegepast.

Oud kokkeldoosje

Oud kokkeldoosje

Bijna alle mechanisch gevangen kokkels worden verwerkt tot kokkelconserven. De rest tot diepgevroren kokkels. Ook wordt een gedeelte als versproduct aangeboden. De kokkels zitten dan in netjes of worden verpakt onder beschermende atmosfeer. De belangrijkste afzetmarkt is Spanje, waar tachtig procent van de productie naar toe gaat. Spanjaarden gebruiken de kokkels in paella en tapas. Ook Portugezen en Italianen (spaghetti met kokkels) zijn echte liefhebbers.

 

Zelf hand kokkelen

In Normandië en Bretagne zie je vaak dat mensen bij laagwater dit voor eigen gebruik doen. Met harkjes en ander materiaal harken ze een maaltijd bij elkaar. Ook in Zeeland zie je soms dat dit gebeurt op droogvallende platen bij laagwater, maar niet op zulke grote schaal als in Frankrijk.

Kokkels eten: heerlijk!

Jammer dat nog weinig mensen in Nederland de kokkel kennen. Ben je op vakantie in Zeeland, eet dan eens kokkels in een restaurant. Of vraag ernaar bij de visboer of in een speciaalzaak en maak ze klaar op de camping of in het appartement. Kokkels bereiden is eenvoudig en is zo gebeurd. Even kort koken tot de schelpen open gaan staan (net als met mosselen), stukje stokbrood en kruidenboter erbij en smullen maar.

Als u op vakantie bent in Zeeland, ga dan eens een middagje handkokkelen met de kinderen. ’s Avonds het resultaat op hun bord presenteren is een geweldige ervaring. Spoel ze wel vooraf regelmatig in een emmer vers water!

Tekst: Kees Kole – wilt u meer lezen van deze schrijver? Kijk dan hier.