In het kader van oktober, de maand van de geschiedenis, die dit jaar in het teken stond van opstanden, besloot het bestuur van Brusea in Bruinisse hierop in te haken. Er zou een toneelstuk over het mosseloproer worden opgevoerd. Plaats van handeling; de binnentuin van het museum.

Plaats van handeling - het 'tijdelijk' verplaatste buusje

Plaats van handeling – het ‘tijdelijk’ verplaatste buusje

 

 

Het mosseloproep was een toneelstuk dat in 1968 was geschreven door S.A. Jumelet naar aanleiding van het 500 jarig bestaan van het mosseldorp.

Het oude toneelstuk werd onder het stof vandaan gehaald en bewerkt door Anne van Hek en Nelleke Tamerus, waarvan de laatste de regie op zich zou nemen.

De voltallige crew

De voltallige crew

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kort tijd, veel repeteren

Veel voorbereidingstijd was er niet. Binnen zes weken zou het stuk moeten worden opgevoerd. Er werd gezocht naar vrijwilligers om als acteur op te treden. Er moest een decor worden ontworpen, drukwerk verzorgd, kaarten gedrukt. Via de rederijkers kon er historische kleding worden geregeld.

En dan werd begonnen met repeteren.

Aarzelende repetities

Aarzelende repetities

 

 

Het merendeel van de ‘acteurs’ had nog nooit eerder op de planken gestaan. Een aantal had nog een baan of er waren andere, eerder aangegane verplichtingen. Regelmatig moest bij repetities worden vastgesteld dat enkele spelers niet aanwezig waren. Andere kregen dubbelrollen.

 

 

 

De verteller = Martin van Dommele

De verteller – Martin van Dommele

Een verteller gaf het verhaal weer, waarna twee hedendaagse mosselkokende meisjes zich vragen stelden en de ruimten tussen de verschillende scenes opvulden.

De mosselmeisjes - Olona Hoogerwerf en Esme Steenpoorter

De mosselmeisjes – Olona Hoogerwerf en Esme Steenpoorter

De tijd begon te dringen

Het merendeel van de spelers was de leeftijd van 70 al gepasseerd. Erg tekstvast waren ze daarom niet te noemen. Toch viel het enthousiasme waarmee iedereen zich vastbeet in zijn rol op. De laatste twee weken voor de première werd er zelf twee keer per week gerepeteerd. Niemand wilde afgaan en het stuk moest een succes worden. En Bruinisse kreeg het weer voor elkaar!

De beruchte ordonnantie

De beruchte ordonnantie

Waar gaat het over?

In 1772 besloten de Heren van Staten in Middelburg in te gaan op klachten over de haven van Bruinisse. Ruim honderd mosselvissers kwamen en gingen de haven van Bruinisse in en uit. Ze blokkeerden de haven en hinderden andere scheepvaart bij het laden en lossen. Daar moest worden ingegrepen. Er moest een bepaalde structuur in de wanorde komen.

De leider van het oproet - Geerard La Grand

De leider van het oproer – Geerard La Grand

Ordonnantie

Om die reden werd in november 1772 een ordonnantie uitgevaardigd en overhandigd aan de ambachtsvrouwe van Bruinisse die op haar beurt de baljuw de opdracht gaf de Bruinisser mosselschippers hiervan op de hoogte te brengen. In essentie kwam het er op neer dat iedereen op zijn beurt moest wachten tot door de havenmeester een plaats aan de kade werd aangewezen om te kunnen lossen.

Diezelfde maand vond de aankondiging plaats. De schippers dienden zich hieraan te houden op straffen van een behoorlijke geldboete.

 

Armoede en bederf

Enkele maanden trachtten de schippers zich aan de bevelen te houden, maar er groeide steeds meer onvrede. Bij herhaling kwam het voor dat de lading, die voor hen van levensbelang was niet kon worden gelost en de, met veel moeite, gevangen mosselen in de ruimen lagen te bederven. In juni barstte de bom.

Gesprekken aan de keukentafels, we mogen niet lossem

Gesprekken aan de keukentafels, we mogen niet lossen

 

Niet meegaand

Er werden gesprekken georganiseerd tussen de ambachtsvrouwe en de mosselschippers. Maar dit leidde niet tot een oplossing. Het begon meer een meer te broeien in het dorp. De havenmeester werd belaagd door vissers en aangesproken op zijn manier van handelen.

Uiteindelijk barstte de bom, toen schipper de Koning verslag uit ging brengen aan het buusje, waar andere schippers zich hadden verzameld. Hier kwam de zaak tot een escalatie.

 

Oproer

De woedende mosselvissers belaagden het huis van de baljuw en eisten dat deze de ordonnantie buiten werking zou stellen. Dat kon natuurlijk niet maar hij kon de oproerkraaiers daarvan niet overtuigen. Met het dun in de broek trachtte hij een tweede keer de vissers tot rust te manen, maar het werkte averechts. Uiteindelijk moest de vrouw zijn vrouw, met het dienstwapen van de baljuw de woedende vissers het huis uitjagen.

Een doodsbange baljuw die door zijn vrouw ontzet moet worden

Een doodsbange baljuw die door zijn vrouw ontzet moet worden

 

Vergaderingen

De vissers morden onderling verder en de baljuw besloot tot een vergadering met het college van schepenen. Deze kwamen met tal van bezwaren tegen het intrekken van de ordonnantie. Deze varieerden van te verwachten problemen met de Heren van Staten, via een oplossing door het sturen van soldaten tot de betaling van de havenmeester.

 

Bedreigde schepenen

Bedreigde schepenen

Einde ordonnantie

Uiteindelijk stelde de baljuw voor een afvaardiging van de schippers, die amok makend op het bordes stonden, binnen uit te nodigen, om te trachten met hen, in alle redelijkheid, de mogelijkheden door te nemen.

Alsof de oproerkraaiers op dit sein hadden gewacht. Allemaal stormden zij de raadszaal binnen. Zowel de baljuw als de schepenen werden opnieuw bedreigd, waarop uiteindelijk besloten werd de baljuw de opdracht te geven de ordonnantie te verscheuren.

gelukt! De ordonnantie wordt verscheurd

Gelukt! De ordonnantie wordt verscheurd

Succes

Twee dagen werd de voorstelling in stralend weer op het tonaal gebracht. De vrijdag was gereserveerd voor schoolkinderen in de hoop hen het historisch besef voor het verleden bij te brengen. Op zaterdag waren er twee voorstellingen voor betalend publiek. Beide voorstellingen waren volledig uitverkocht en bleken een doorslaand succes te zijn. De spelers en de mensen achter de schermen werden getrakteerd op een ovationeel applaus.

 

 

Daarna werd gezamenlijk met het publiek het Bruse Volkslied gezongen. Voor wie hier niet bekend mee is; We komme van Bru en we wete van niks’. De voorstelling werd tenslotte afgesloten met een onverwachte toegift. Marietje Dijkstra, die Manuela Maas op geweldige wijze had bijgestaan bij het uitzoeken van de kleding en het in het pak hijsen van de spelers betrad in originele dracht het podium. Zij beeldde een mosselleurdster uit. In het verleden had zij tal van kansen op een leuke jongen laten lopen. Nu was ze een teleurgestelde ouwe vrijster die bereid was de liefde van leven toe te laten in ruil voor een paar kilo mosselen en een dikke zoen.

Marietje Dijkstra als ouwe vrijster

Marietje Dijkstra als ouwe vrijster

In Bruinisse was opnieuw bewezen dat niets onmogelijk is.

Fotografe Joke Bot, die regelmatig haar werk laat zien via onze website, was bij nagenoeg alle repetities en uitvoeringen aanwezig. Alle foto’s in dit artikel zijn van haar hand, waarvoor we bijzonder dankbaar zijn. Zonder dit werd was het samenstellen van deze geschreven documentaire niet mogelijk geweest.

Vrouw de Koning - Willy Bout

Vrouw de Koning – Willy Bout

Grootvader de Koning - Leen Otten

Grootvader de Koning – Leen Otten

De grootste oproerkraaier - Bart Kik

De grootste oproerkraaier – Bart Kik

Hans de Glopper en scheepsmaatje Benjamin

Hans de Glopper en scheepsmaatje Benjamin

Wannes en Trudy Dorts

Wannes en Trudy Dorst

Geerard La Grand

Geerard La Grand

1Een riziende Visser en de baljuw - Bart Kik en Lennard Maas

Een ruziënde visser en de baljuw – Bart Kik en Lennard Maas

Paula Schuld - de vrouw van de baljuw

Paula Schuld – de vrouw van de baljuw

Piet Bout - een ontevreden visse

Piet Bout – een ontevreden visser

de schepenen - Ad Schenk, Dies van den Berg en Wannes Dorst

de schepenen – Ad Schenk, Dies van den Berg en Wannes Dorst

Henk Verhage

Henk Verhage

Wim de Haan

Wim de Haan

 

Coir Fennet

Cor Fennet

Havenmeester Johannis de Waal

Havenmeester Johannis de Waal

Opa en Kleinzoon de Koning - Wilco de Valk

Opa en Kleinzoon de Koning – Wilco de Valk en Leen Otten