De Nederlandse visserijsector behoort tot de modernste visserijsectoren ter wereld. De Nederlandse kottervloot, bestaande uit zo’n 280 kotters, vist binnen de grenzen van de Europese en nationale regelgeving, is uitstekend uitgerust en vist duurzaam, veilig en efficiënt. Voortdurend zijn de Nederlandse vissers op zoek naar innovaties om de bedrijfsvoering nog verder te verbeteren. De pulsvisserij leek één van de meest veelbelovende innovaties van de afgelopen decennia. Leek. Want ‘Brussel’ steekt een stok in de wielen.

Voorstelling pulsvisserij

Pulsvisserij

Pulsvisserij is een vorm van visserij waarbij platvissen, die op en in de bodem van de zee leven, met kleine elektrische schokjes worden opgeschrikt.  De schrikreactie zorgt er voor dat de vis opspringt van de bodem en in het net, dat enkele decimeters boven de bodem zweeft, terecht komt.

Zeeuwse uitvinding

Het pulstuig dat gebruikt wordt in de hedendaagse kottervisserij is ontwikkeld door het Zeeuwse bedrijf Verburg uit Colijnsplaat. Op een later moment is de techniek door anderen overgenomen en doorontwikkeld. Pulsvisserij is een antwoord op de traditionele boomkorvisserij die sinds de jaren ’60 van de vorige eeuw wordt toegepast.

Voorstelling Boomkorvisserij

Boomkorvisserij

Bij deze vorm van visserij worden kettingen over de zeebodem voortgetrokken waardoor de platvis opgeschrikt wordt. Bij de natuurorganisaties kon deze vorm van visserij echter niet op draagvlak rekenen vanwege de bodemberoering en de vermeende schade die die met zich meebrengt. Het hoge brandstofverbruik en de niet-selectieve eigenschap van boomkorvisserij vormen andere nadelen.

Oud gebruik

In tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt is geen sprake van een volledig nieuwe visserijtechniek. Het eerste patent om met behulp van elektrische schokjes te vissen dateert van 1863. Het duurt echter tot 1950 eer de methode toegepast wordt in de zoetwatervisserij. Enkele decennia later werd met deze vorm van visserij geëxperimenteerd op zee. De resultaten waren wisselend maar gaven aanleiding tot verdere proeven.

Dwarse Europese Unie

De Europese Commissie stak daar echter een stokje voor. Bezorgdheid over verdere toename van de vangsten leidde in 1988 tot een verbod op elektrisch vissen op zee. Stijgende brandstofprijzen leidden echter tot een hernieuwde interesse in elektrisch vissen.

Vanaf 2005 wordt hiermee geëxperimenteerd. De resultaten stemmen hoopvol en wanneer de Europese Commissie in 2007 besluit dat maximaal 5% van de boomkorvloot met het pulstuig uitgerust mag worden, komt de ontwikkeling in een stroomversnelling. De voordelen van de puls ten opzichte van de traditionele boomkorvisserij zijn talrijk. Pulsvisserij levert een brandstofbesparing van circa 50% en daarmee minder CO2-uitstoot dan de traditionele visserij. Daarnaast is deze vistechniek een stuk selectiever waardoor er aanzienlijk minder bijvangst is, en neemt de bodemberoering met circa 20% af.

Vooral de Fransen, met hun verouderde vloot, lagen dwars

 

Oppositie

Maar er is ook een keerzijde. Franse, Engelse, Belgische en Nederlandse kustvissers keren zich meer en meer tegen deze Nederlandse uitvinding. Als ook de Franse milieu-organisatie Bloom zich tegen La Pêche Électrique keert, neemt de tegenstand hand over hand toe. De bezwaren richten zich op de mogelijke gevolgen die pulsvisserij heeft voor de visbestanden en voor het overige zeeleven, waaronder micro-organismen. Voorstanders op hun beurt wijzen erop dat de pulsvisserij de meest onderzochte visserij ter wereld is en dat de nadelen van de pulsvisserij niet opwegen tegen de voordelen ervan.

Wetenschap

Ook ICES (Internationale Council for the Exploration of the Sea) een onafhankelijke, internationale wetenschappelijke organisatie concludeert in mei 2018 dat pulsvisserij minder negatieve effecten op het zeeleven heeft dan de boomkorvisserij. Zoals wel vaker het geval is bij (zee)onderzoek, zijn de uitkomsten niet onomstreden. Tegenstanders wijzen op het grote aantal variabelen en de specifieke omstandigheden waaronder het onderzoek plaatsgevonden heeft. De strijd zal uiteindelijk via de rechter beslist worden. Op 15 april 2021 wijst het Europees Hof van Justitie de eis tot nietigverklaring van het verbod op pulsvisserij af. Hiermee lijkt een definitief einde gekomen aan deze veelbelovende Zeeuwse uitvinding.

International Council for the Exploration of the Sea

Chronologie

In 2005 is voor het eerst in de praktijk geëxperimenteerd met een pulstuig.

In 2007 wordt in de (Europese) Verordening Technische Maatregelen de mogelijkheid opgenomen om 5% van de boomkorvloot uit te rusten met een pulstuig. Voor Nederland resulteerde dit in 22 ontheffingen. Dit aantal is in de jaren daarna uitgebreid tot 84.

 Dit gebeurde in twee stappen. In 2011/2012 is door de Europese Commissie aan 20 schepen toestemming verleend met de puls te vissen in het kader van wetenschappelijk onderzoek. Dit op aandringen van de Tweede Kamer.  

Vervolgens is in 2014 aan 42 schepen toestemming verleend de puls in te zetten in het kader van onderzoek naar selectievere vismethoden met het oog op de invoering van de aanlandplicht. De puls werd op dat moment gezien als de visserijmethode van de toekomst met belangrijke duurzaamheidsvoordelen.

Dat ook de Europese Commissie er zo over dacht blijkt wel uit het feit dat de Commissie in 2016, bij de herziening van de Verordening Technische Maatregelen, voorstelde de pulsvisserij volledig toe te laten.

Het begin van het einde

In 2017 komt de eerste kink in de kabel. In mei van dat jaar neemt de Europese Raad bij de Algemene Oriëntatie voor de Verordening Technische Maatregelen het standpunt in dat de pulsvisserij beperkt moet blijven tot 5% van de boomkorvloot. Alleen als onderzoeksresultaten daar aanleiding voor geven zou het aantal in de toekomst uitgebreid kunnen worden.

Nederland stemt tegen deze Algemene Oriëntatie die desondanks aangenomen wordt.

 Na de Europese Commissie (die stemde voor het volledig vrijgeven van de pulsvisserij) en de Europese Raad (die maximaal 5% van de boomkorvloot toe wilde staan met de puls te vissen, was het in januari 2018 de beurt aan het Europees Parlement zijn zegje te doen over de herziening van de Verordening Technische Maatregelen waar de pulsvisserij deel van uitmaakt.

Hoewel men bepaald niet gerust was op een goede afloop, kwam het besluit van 16 januari 2018 tot een totaalverbod op de pulsvisserij als een mokerslag aan in Nederland. Liefst 402 europarlementariërs stemden vóór een verbod en 232 tegen.

De rapen waren gaar. Want hoewel nog steeds geen sprake was van een definitief besluit (daarvoor is immers overeenstemming tussen Commissie, Raad en Parlement nodig) hing het lot van de Nederlandse pulsvisserij vanaf dat moment aan een zijden draadje.

Vanaf oktober 2018 wordt onderhandeld door vertegenwoordigers van de drie Europese besluitvormingsorganen. Doel daarvan is om op basis van de drie afzonderlijke besluiten te komen tot een compromis.           

Carola Schouten trok vergeefs ten strijde

Dat gebeurt uiteindelijk op 13 februari 2019. Het gevreesde pulsverbod komt er. Met een overgangsperiode tot 1 juli 2021 wordt de pulsvisserij vanaf dat moment verboden. Minister Schouten spant namens de lidstaat Nederland in oktober 2019 een procedure aan bij het Europees Hof. Zij voert aan dat het verbod niet is gebaseerd op ‘de best beschikbare wetenschappelijke kennis’.

Op 15 april 2021 doet het EHvJ uitspraak. Het Hof wijst de eis tot nietigverklaring van het Europese besluit af. Daarmee lijkt een definitief einde aan de pulsvisserij gekomen.   

Auteur: Jaap Broodman – beleidsmedewerker Aquacultuur en visserij provincie Zeeland