IJzendijke, of zoals het door de Zeeuwen wordt genoemd “Iezendieke” is een stadje gelegen in het westen van Zeeuws-Vlaanderen in de gemeente Sluis.

wapen-ijzendijke

Op 1 januari 2016 telde IJzendijke 2234 inwoners. Tot 1 april 1970 was IJzendijke een zelfstandige gemeente. Op die datum ging het op in de gemeente Oostburg tot aan de gemeentelijke herindeling van 2003 waarna het tot de gemeente Sluis werd gerekend.

Afscheid van een zelfstandige stad

Afscheid van een zelfstandige stad

Het oude IJzendijke lag aan de oever van de Braakman, een vroegere zeearm van de Westerschelde vlak bij de dorpen Biervliet en Hoek. De Braakman was lange tijd een water dat het oosten en het westen van Zeeuws Vlaanderen splitste.

De Braakman nu

De Braakman nu

IJzendijke was in de middeleeuwen een bloeiend handelsplaatsje. Dat was te danken aan het haventje waar veel Vlaams Linnen en wol werden verhandeld en verscheept. Omstreeks 1280 werd het zelfs gerekend tot de Londense Hanze.  De lakenweverijen in Vlaanderen verkochten hun producten voornamelijk aan Engeland. De havens van IJzendijke, maar ook die van Brugge, Sluis en Aardenburg profiteerden hier van.

De handelaren exporteerden ook Rijnwijnen en voerden huiden, bont, wol, tin en lood in voor verdere verscheping binnen het vaste land van Europa. IJzendijke kreeg in 1303 stadsrechten en heeft nog steeds aanspraak op de naam stad.

In deze periode werden verschillende kloosters gebouwd. Een van die kloosters, behorend tot de Sint Johannieterorde liet zelfs een hospitaal bouwen. Dit gasthuis had zich als taak opgelegd passanten of lieden in nood voor korte tijd op te vangen en te verplegen. Later werden er ook langdurig zieken uit de stad verpleegd, zodat het gasthuis een ziekenhuis werd, waar later zelfs lijders aan pest werden verzorgd.

Het oude IJzendijke werd in de 14de eeuw regelmatig door het water bedreigd. Op 9 oktober 1374 overstroomde het gebied rond de Braakman voor de eerste keer. Dit was te wijten aan de Eerste Dyonisiusvloed. Een jaar later op 8 oktober 1375 gebeurde dit opnieuw. Hierdoor ontstond ter plaatse de Zuidzee. Waar in de loop van de daarop volgende jaren tal van polders werden herdijkt en nieuwe parochies werden ingericht. Dat was vergeefs. Op 19 november 1404 werd het hele gebied door de Eerste Sint-Elisabethsvloed opnieuw overspoeld. De landtong waarop IJzendijke en Hugevliet lagen, en die in 1374 gespaard was gebleven, werd nu ook door de golven verzwolgen.

Prins Maurits van Nassau

Prins Maurits van Nassau

Gedurende de Tachtigjarige Oorlog werd door de Hertog van Alva bevolen tot de bouw van een schans met vier bolwerken aan de noordwestkant van IJzendijke.  Bolwerken zijn uitbouwen in verdedigingsmuren waar vanaf flankerend vuur kan worden gegeven. Veel mocht dit machtsvertoon niet baten.

In 1604 werden de Spanjaarden verdreven door het Staatse leger onder leiding van Prins Maurits. Hij gaf de vestingbouwers Simon Stevin en Menno van Coehoorn de opdracht de vestingwerken uit te breiden tot een onneembare hindernis.

De vesting Ysendijck

De vesting Ysendijck

In 1614 werd de protestantse kerk in gebruik genomen. Deze kwam tot stand door de inzet van de zogenaamde “bouwdominee”  Joost van Laren.  Het kerkgebouw dat aanvankelijk een achthoekige vorm had, werd tussen 1656 en 1659 uitgebreid naar een plan van bouwmeester Sebastian van Roy.

De vesting IJzendijke werd in de 17de een 18de eeuw regelmatig bestormd, doch bleef steeds dapper stand houden.  Toch kon niet worden voorkomen dat het stadje in 1747 en 1748 en tussen 1794 en 1814 in Franse handen was.

Napoleon had de gewoonte zijn legeraanvoerders te belonen door het schenken van landgoederen.  Voor hun veroveringen op Zeeuws-Vlaanderen week hij niet van deze gewoonte af. Daardoor kwam een groot deel van de Zeeuws-Vlaamse grond in handen van Waalse en Franse adel. Dat bleef zo, ook na 1814, het jaar waarop Napoleon werd afgezet als keizer en naar Elba werd verbannen.

Na dat jaar werd door de Nederlandse regering de vesting IJzendijke goeddeels opgeheven. Nog één keer werd ze bemand met militairen, wapens en munitie. Dat was tijdens de Belgische opstand in 1830/1831.

Om zes uur in de ochtend van 2 augustus 1831 riep kolonel Joseph Ledel, de bevelhebber over de troepen in Zeeuws-Vlaanderen, in de vesting IJzendijke zijn staf bijeen. Om acht uur zette hij de aanval in op de Belgische troepen bij de sluizen aan de Kapitalen dam en op de troepen die bij het Verlaat. De Belgen werden op beide locaties verslagen. Tot de 12de augustus bleef het onrustig in de omgeving van IJzendijke, maar na die datum werd de gewapende vrede hersteld.

De laatste vestingwerken werden in de periode tussen 1841 en 1843 afgebroken en verdween een stuk Zeeuws-Vlaamse historie. In de 20ste eeuw werd echter een klein deel van de vesting opgeknapt. De huidige Veste is hier een resultaat van.

Restant van het Bolwerk

Restant van het Bolwerk

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Nederland officieel neutraal gebleven. Na het beëindigen van die oorlog werd Nederland, door de Belgische en de Engelse regering een “pro-Duitse” houding verweten. Zij eisten dan ook herstelbetalingen. Bij de vredesonderhandelingen zouden delen van Zuid Limburg en Zeeuws-Vlaanderen in zijn geheel aan België moeten worden toegewezen.

Toenmalig koningin Wilhelmina ging voorop in het verzet. In Zeeuws-Vlaanderen werd een heel strijdlustig Anti-Annexatie Comité opgericht.

Wilhelmina voerde het verzet aan en sprak over “het amputeren van een pink, waardoor de gehele hand verminkt blijft”. Zij bracht veelvuldig bezoeken aan de streek om haar verbondenheid met Zeeuws-Vlaanderen en haar bevolking tot uitdrukking te brengen. De annexatie ging uiteindelijk niet door, maar het comité bleef tot 1930 bestaan.

De laatste keer dat IJzendijke met het geweld van een oorlog kreeg te maken was in oktober 1944. Vanwege de strijd om de Westerschelde tussen Duitsers en geallieerden, die onder de naam Operatie Switchback werd uitgevochten, kwam IJzendijke midden in de frontlinie te liggen. De geallieerden kregen te maken met een zware explosie en er ontstond zware schade. Toch is het oorspronkelijke karakter van IJzendijke weer zo goed als mogelijk in oude luister hersteld.

Aankondiging van de "Foor"

Aankondiging van de “Foor”

IJzendijke kreeg de bijnaam “Petit Paris” Waar die naam vandaan komt is niet helemaal zeker. Het verhaal gaat dat, als vreemdelingen de paardenmarkten of de foor bezochten, opvallend veel cafés aantroffen in het centrum van IJzendijke, de meesten met een terras voor de zaak.

De bijnaam zou dus te maken hebben met de gezellige, bijna Franse, uitgaanssfeer. Die sfeer zou zijn versterkt door de vele Franse namen van de cafés, bierhuizen, staminees, herbergen en hotels in IJzendijke. Namen zoals: La Porte d’Or, La Grande Placer, Du Commerce, La Belle Vue en Café dansers.

Ook zou de aanwezigheid van een meisjes internaat aan de Koninginnestraat een aanleiding voor de bijnaam geweest kunnen zijn. Dit Rooms-Katholieke internaat werd geleid door Franciscanessen nonnen. Deze orde was van oorsprong Frans en er werd dan ook voornamelijk Frans gesproken. Aangenomen kan worden dat met deze francofone nonnen en de chique, Franssprekende internen, regelmatig de draak werd gestoken.

Het meest voor de hand liggend als verklaring is dat in IJzendijke verhoudingsgewijs veel inwoners de Franse taak beheersten, wat alles te maken had met de gangbare communicatie tussen de Franse en Waalse adellijke landheren en hun pachters.

De folkloristische dagen

De folkloristische dagen

Kenmerkend voor IJzendijke waren de jaarlijks terugkerende trekpaardenmarkten en trekpaardenkeuringen in juli en oktober. De jaarlijkse folkloristische dag in juni is nog een herinnering aan die tijd. Tijdens deze dagen zijn er naast een grote braderie, tal van oude ambachten, voorstellingen en wedstrijden ringsteken, zowel te paard als in een sjees.

Natuurlijk kunnen we niet voorbij aan het traditionele Haakbollen of Krulbollen. Bij deze tak van sport wordt een korte staak in de grond gestoken. De “bollen”, die wel lijken op platte kaasjes, zijn aan één kant afgeslepen schijven. Het is de bedoeling dat de spelers zo dicht mogelijk naar de staak laten rollen.

Aardige bezienswaardigheden in IJzendijke zijn het beeld van Prins Maurits, die achter een schaakbord zit en zijn tegenstander, de schaakmat zet. Het beeld, dat werd geplaatst op 15 mei 2004 is gemaakt door Guido Metsers uit Hulst, jawel, de broer van de acteur Hugo Metsers.

De Veste, het gerestaureerde deel van de oude vesting dat vrij toegankelijk is. Van het fort is nog een bolwerk over gebleven. Het is hier een vooruitgeschoven post midden in de gracht. Waar vroeger soldaten de wallen links en rechts in de gaten konden houden, grazen nu herten.

De IJzendijkse korenmolen die de naam de Witte Juffer draagt. De molen had lange tijd geen naam. In 2009 bedacht de huidige eigenaar dat het wel leuk zou zijn om zijn moelen de Witte Juffer te noemen.

de Witte Juffer

de Witte Juffer

De molen werd in 1841 als grondzeiler gebouwd. Later is de molen tot stellingmolen verhoogd. De molen kent een aantal Vlaamse kenmerken. In 1931 werd de molen onttakeld waarna in 1965 de molen weer in oude glorie werd hersteld. Later volgden nog enkele restauraties om de maalvaardigheden van de molen te verbeteren. Uniek aan deze molen is de Vlaamse constructie van de kap. De molen is eigendom van de gemeente Sluis en wordt regelmatig in werking gezet door een vrijwillig molenaar.

De roeden van de molen zijn bijna 24 meter lang en zijn voorzien van het Oudhollands hekwerk (op Vlaamse wijze opgehekt) met zeilen. De molen is ingericht met één koppel maalstenen.

Het gebouw van de Hervormde Kerk is de oudste protestantse kerk van Zeeland. Met de bouw werd begonnen in 1612 en de kerk werd in 1614 in gebruik genomen. In deze periode veroverde prins Maurits de schans IJzendijke op de Spanjaarden. Hij was (zelf protestant) waarschijnlijk de initiatiefnemer voor de bouw. De kerk wordt dan ook wel “De soldatenkerk van Prins Maurits” genoemd.

Voormalige brouwerij Cadsandria

Voormalige brouwerij Cadsandria

De voormalige brouwerij Cadsandria. Deze brouwerij werd opgericht door de familie Wijffels in 1889. De naam is afgeleid van het retranchement, een vestingwerk aan het voormalige Zwin. DE brouwerij staakte haar werk in 1927. De concurrentie van onder andere Brabantse brouwerijen, die beschikten over beter water, was te groot geworden.

Na de Tweede Wereldoorlog is het gebouw in verval geraakt, mede doordat de brouwersfamilie bouwmaterialen uit de brouwerij noodgedwongen heeft moeten gebruiken om hun in puin liggende woonhuis te repareren. Sinds 1995 is het gebouw eigendom van de familie Groosman, die met hun smederij altijd de buren van de brouwerij zijn geweest. Zij hebben het gebouw gered van de sloophamer en opgeknapt.

Momenteel is er een restaurant in gevestigd en er tevens een folderpost van het VVV.

Een monument aan de Isabellaweg herinnert aan de tragedie van 20 oktober 1944. Bij het vullen door Canadese vrachtwagenbestuurders van een of meer Conger Devices, mijnenopruimingsvoertuigen die een met vloeibare explosieven gevulde slang gebruikten, ontstond een zeer grote explosie die aan 47 Britse en Canadese soldaten het leven kostte.

Het streekmuseum, gevestigd in het oude stadhuis aan de Markt, was voorheen gewijd aan de volkskunde van Zeeuws-Vlaanderen. Met ingang van april 2006 is het museum heropend als Het Bolwwerk, een informatiecentrum over de Staats-Spaanse Linies, de Nederlandse onafhankelijkheidsstrijd tegen de Spanjaarden, de Tachtigjarige Oorlog, de veldtochten van Prins Maurits, de definitieve vaststelling van de staatsgrenzen in de periode 1600-1612 en de toenmalige vormgeving van de Nederlandse identiteit. Op termijn zullen in het Zeeuws-Vlaamse landschap, op groter schaal dan op dit moment het geval is, de archeologische overblijfselen van de toenmalige onafhankelijkheidsstrijd van Nederland opnieuw zichtbaar gemaakt worden.

Museum het Bolwerk

Museum het Bolwerk

IJzendijke heeft een leuk centrum met, zoals al gezegd, voldoende ruimte voor het versterken en laven van de inwendige mens. Er zijn leuke winkels die u alles kunnen leveren waaraan u behoefte heeft.

Er zijn een paar behoorlijke hotels en B&B’s in IJzendijke en in de onmiddellijke omgeving is kampeergelegenheid voldoend. Alles bij elkaar, IJzendijke is een leuke vakantiebestemming.