Stavenisse is een van de negen dorpskernen van de gemeente Tholen op het gelijknamige eiland. De plaats telt ongeveer 1600 inwoners en ligt op de westelijke punt van het eiland. De naam is opgebouwd uit twee woorden; Nisse staat voor landtong, wat Stavenisse ooit was en Stave is waarschijnlijk afgeleid van een vroege eigenaar: Stavo of Stave.

Eiland

Oorspronkelijk was Stavenisse een eiland. In een oorkonde uit 1206 wordt het voor het eerst genoemd. Veel is er over het gebied, dat in 1509 totaal overstroomde, niet bekend. Aan de noordzijde van het eilandje lag Oud-Kempenhofstede. Door een geheel door de zee omgeven opwas, een aangroei van land door sedimentatie op oudere (kwelder) afzettingen, te omdijken ontstond een polder van ca. 258 ha. Bij de overstroming van 1509 bleef deze polder bestaan.

Kaart van Zeeland van Lucas Jansz. Wagenaer – 1584-1585

 

Heraanleg en groei

In 1599 werden de geulen ‘de Kamer’ en ‘de Hals’ van het buitenwater afgesloten. Er werd een dijk gebouwd van bijna 8 ½ kilometer lengte.  De dijk werd opgeworpen tussen de Oud-Kempenhofsteepolder en de Noordpolder van Sint-Maartensdijk. Hierdoor ontstond een 655 ha. grote polder.

In de tweede helft van de 17de eeuw breidde men het gebied  met 10 ha. uit door de aanlag van Nieuw-Zuidmoerpolder. Ook het dwergpoldertje Al te Klein werd drooggelegd. In 1656 ontstond de Margarethapolder. Deze nieuwe landaanwinst van 72 ha. werd genoemd naar de vrouw van Hieronymus van Tuyll van Serooskerke. Hij was in die tijd de ambachtsheer van Stavenisse. Zijn vrouw, Margaretha Huyssen.

Het stel bewoonde het slot Stavenisse.

Slot Stavenisse

Na die tijd veranderde Stavenisse nog meerdere keren van vorm. Het werd geteisterd door overstromingen in 1715 en 1808.

 

Van Tuyll van Serooskerke

Een ambachtsheer was iemand die de middelbare en lage ambachtsheerlijkheid bezat. Het was een soort burgemeester die met overheidsgezag was bekleed en bevoegd was recht te spreken over de plaatselijke bevolking. Ook had hij het recht belasting te innen en ambten te benoemen. De ambachtsheer verdween na het Franse bestuur over Nederland en werd vervangen door het ambt van burgemeester.

Grafmonument voor Hieronymus van Tuyll van Serooskerke.

 

 

 

 

In 1653 was Hieronymus van Tuyll van Serooskerke ambachtsheer van Stavenisse.  Hij liet, buiten het dorp, een slot bouwen ter gelegenheid van zijn huwelijk met Margaretha Huyssen. Het slot was omgeven door een brede gracht. Daaromheen liet hij tuinen en bossen aanplanten. Slechts een deel van de gracht en een stuk van de grachtmuur hebben de tand des tijds kunnen doorstaan. Op het rechthoekige kasteelterrein is momenteel een groenten- en plantentuin aangelegd.

De Voorstraat

 

Stavenisse ontwikkelde zich van oudsher tot een voorstraatdorp. Dat wil zeggen dat de hoofdstraat van de haven aan het Keeten naar de hervormde kerk loopt. De huidige kerk werd gebouwd in 1910 ter vervanging van de kerk uit 1617 die te klein was geworden.

De toren uit 1672 en een kapel met daarin het grafmonument voor de voormalig ambachtsheer, gemaakt door Rombout Verhulst, van de oorspronkelijke kerk zijn bewaard gebleven.

Verhulst die in Mechelen is geboren was een barok tekenaar en beeldhouwer. Hij werkte het grootste deel van zijn leven in de republiek der Nederlanden. Hij is vooral bekend door zijn vele grafmonumenten, maar hij vervaardigde ook portretbustes. Zijn belangrijkste werk is wel het praalgraf van Michiel de Ruyter in de Nieuwe Kerk in Amsterdam.

Vroege foto van de nieuwe kerk van Stavenisse – foto RCE

 

 

In de loop der eeuwen groeide Stavenisse uit tot een typische agrarische gemeenschap in een prachtige landelijke omgeving. Voor de Watersnoodramp van 1953 was ongeveer 80% werkzaam op een boerenbedrijf. Na de Ramp trad de mechanisatie in. Door de steeds snellere opmars van die mechanisatie verloren veel mensen hun baan. Tegenwoordig is nog maar 20% van de bevolking werkzaam in de agrarische sector.

 

 

 

 

Tarweakker – Foto GROENtekst

 

 

Veel inwoners van Stavenisse zijn  werk gaan zoeken in een andere bedrijfstak.

In de onmiddellijke omgeving van Stavenisse, zoals in Tholen, Sint Maartensdijk en Poortvliet zijn verschillende bedrijven gevestigd waar de inwoners werk hebben gevonden. Ook is een deel aan werk gekomen in Bergen op Zoom.

 

Gemeentewapen van Stavenisse

Tot 1971 was Stavenisse een zelfstandige gemeente met een oppervlakte van 10,97 km². In dat jaar ging het op in de nieuw gevormde gemeente Tholen.

 

Watersnood

Tijdens de watersnood in 1953 werd Tholen bijzonder zwaar getroffen. Stavenisse was er het ergst aan toe. Door 6 stroomgaten in de zeedijken en 2 in de noordelijke havendijk stroomde het zeewater met groot geweld naar binnen. In het dorp stond het water in zeer korte tijd ruim 3,5 m boven het maaiveld. Van de 1737 inwoners verdronken er 153. Daarnaast kwam veel vee om in de golven en was de materiële schade groot. Een indrukwekkend impressie van dit drama is samengesteld onder de titel ‘Trugkieke’ door Omroep Zeeland.

Trieste beelden van de Watersnoodramp in Stavenisse – foto Aart Klein, Nederlands Fotomuseum

 

Ongeveer 140 woningen werden verwoest of onherstelbaar beschadigd. Met hulp uit binnen- en buitenland werd Stavenisse herbouwd. Tastbare herinneringen aan deze hulp zijn de 19 Noorse houten woningen (Eén woning is onlangs overgebracht naar Sint-Annaland waar deze bij het museum De Meestoof is opgebouwd) en het hertenkamp.

Noorse woningen – foto Staatspareltjes

 

Als sluitstuk van de hulp van 39 Noord-Hollandse gemeenten en Maartensdijk in Utrecht werd in 1958 aan de provinciale weg tussen Stavenisse en Sint-Maartensdijk een monument onthuld dat een drooggevallen zeemonster voorstelt dat alles wat het tegenkomt verzwelgt. Het monument werd opgericht in 1958 en zorgde voor veel beroering in het dorp. Beeldhouwer Gerrit Bolhuis hakte uit steen een vis met de staart omhoog en de geopende bek naar beneden. Tot verbazing van de beeldhouwer en de autoriteiten werd het kunststuk door de bevolking van Stavenisse resoluut geweigerd. Het kreeg geen plaats in het centrum van het dorp, maar werd verplaatst naar een plaats op de dijk naar het dorp.

 

Monument ter nagedachtenis aan de Ramp

De haven van Stavenisse werd na de ramp als een zwakke plek in de zeewering gezien. Het leek er op dat de haven gesloten zou worden. Dit stuitte op massaal verzet van de bevolking. Uiteindelijk werd besloten de havendijken flink te verhogen en in 1977 werd een keersluis aangelegd.

Momenteel is de haven in gebruik als jachthaven.

De Haven van Stavenisse – foto Staatspareltjes

 

 

Watersnoodhuis

 

Het oude raadhuis van Stavenisse werd gebouwd in 1860. Het ontwerp van het in  neoclassicistische stijl opgetrokken gebouw is van J.K. Labrijn. Het deed tot 1956 dienst als raadhuis. In 1974 werd het aangewezen als rijksmonument.

Sinds 2015 is hier het Informatiecentrum Watersnoodhuis. Hier wordt een goede kijk gegeven op de Ramp die het eilanden Tholen en Sint-Philipsland in zo diepe rouw dompelde.

Watersnoodhuis Stavenisse

 

 

Geloof

 

Stavenisse telt 2 kerkgenootschappen; 50% van de bevolking is aangesloten bij de Oud Gereformeerde Gemeente, 40% is lid van de Nederlands Hervormde Gemeente.

 

In 1975 liet het dorp kwam het dorp op een negatieve manier in het nieuws. In dat jaar verlieten duizenden Surinamers hun land uit angst voor wat komen ging na de naderende onafhankelijkheid. Voor 500 van hen was opvang voorzien in Stavenisse. De Oud Gereformeerde predikant Jacob van Prooien was hier fel op tegen. Hij sprak zelfs over een nieuwe plaag voor het dorp na de oorlog en de watersnood. Uiteindelijk kwamen de Surinamers dan ook niet.

Surinamers arriveren in Nederland

 

 

 

 

 

Aan de jachthaven staat de naamloze Stavenisser molen. De molen werkt als een baken voor schepen die de haven aan willen doen. Deze molen had een voorganger, een standaardmolen. Samen met veel andere Zeeuwse molens ging deze verloren tijdens de beruchte orkaan van 9 november 1800

Op 13 maart 1801 werd begonnen met de bouw van een nieuwe molen. De opdrachtgever was Huybert van Rossum Het werd een ronde stenen grondzeiler opgetrokken in baksteen. In 1962 werd het stucwerk voor het eerst wit geschilderd. In 1976 werd de molen eigendom van de gemeente Tholen. Tussen 2009 en 2011 werd de molen, die zwaar in verval was geraakt, gerestaureerd..

De molen wordt vaak in bedrijf gesteld door een vrijwillige molenaar. Van 1 april tot 1 oktober is de molen iedere zaterdag van 13:00 tot 17:00 uur open voor publiek. Maar ook draait de molen op afspraak. Stavenisse is met recht trots op haar molen.

Stavenisser molen – foto Nederlandse Molendatabase

 

Oudste familiebedrijf van Nederland

Stavenisse heeft nog iets om trots op te zijn. Omstreeks 1650 startte Cornelis Rosemont met bouw en timmerwerkzaamheden. De naam werd later, vermoedelijk omstreeks 1698 gewijzigd in Roozemond. Het bedrijf is inmiddels al 12 generaties in handen van de zelfde familie en daardoor een van de oudste familiebedrijven van Nederland.

Roosemond

 

Wat algemene informatie

Er zijn twee lagere scholen. De openbare basisschool “de Schalm” en de christelijke basisschool “Rehoboth”. De naam Rehoboth komt uit het Bijbelboek Genesis en verwijst naar de naam die Isaac gaf aan een put die hij had gegraven.

Voor medische problemen kan men terecht bij Huisartsenpraktijk D.J.J. Panis.

De horeca in Stavenisse kan niet erg uitgebreid worden genoemd. Er is 1 café-restaurant. Wel zijn er plannen een bruin café te openen.

Voor toeristen zijn er drie campings en twee bungalowparken. Hierdoor wordt in de zomermaanden het inwonertal van Stavenisse ruim verdubbeld.

Stavenisse is een rustige, principiële  en gelovige gemeenschap, waar het normaal is dat u op zondag wordt aangesproken op uw gedrag als u met de auto de gemeente binnenrijdt.

Trots op Stavenisse zijn de inwoners wel. Het is dan ook een van de weinige plaatsen in ons land dat kan bogen op een eigen volkslied. Interesse? Beluister het hier.

Wandelen en ontdekken

Stavenisse is een lieftallig dorpje. Het nodigt uit tot een wandeling. Er heerst rust. Veel middenstand of winkels zijn er niet te vinden. Wel aangename straatjes met fraaie gevels.

Buiten het dorp openbaart zich het uitgestrekte polderlandschap. Hier blijft de zilte geur boven de weilanden hangen. Binnendijks is de omgeving van Stavenisse vooral landbouwgrond. Buiten de dijken liggen de schorren en slikken die twee keer per dag bij vloed onder water komen te staan.

 

Schorren zijn de hoger gelegen delen die slechts af en toe onder water komen te staan. De bodem bevat echter veel zout. Hier gedijen lamsoor en zeeasters. Over die planten bestaat nogal wat misverstand. De bladeren van de echte lamsoor zijn niet eetbaar. Wat u in de winkels als lamsoor aangeboden krijgt en als groente wordt verkocht, is het blad van de zeeaster.

De verwarring is te begrijpen. Beide planten lijken erg op elkaar en groeien in dezelfde biotoop.

Bloeiend lamsoor

 

 

Watersport

 

De toegang tot de haven is breed en uitnodigend. De jachthaven, gelegen aan de Oosterschelde, is druk en terecht. De gemoderniseerde haven van Stavenisse is goed geoutilleerd en van alle gemakken voorzien. Er is zelden gebrek aan een goede ligplaats. Vooral voor mensen die Zeeland per schip willen verkennen is de ligging ideaal. Door de ligging aan de Oosterschelde zijn het Grevelingen Meer, Het Veerse Meer en zelfs de Westerschelde goed bereikbaar

De haveningang

 

 

Ook voor sportduikers heeft Stavenisse veel te bieden. Aan de Veerweg ligt een goede duikplaats. Hier kan men makkelijk te water gaan. De enige hindernis is een botenhelling die men voorbij moet gaan voor u uw avontuur kunt starten.

 

Eenmaal te water komt u eerst in een ondiepte terecht die al snel overgaat in een steil talud, begroeid met oesters. In het heldere water is de bodem onregelmatig waardoor u steeds voor verassingen komt te staan.

Vooral in de winterperiode komen hier veel wulken voor die hier hun eieren af komen zetten..

De duikplaats aan de Veerweg

 

 

Stavenisse lijkt klein en op het oog is er weinig te beleven. Discogangers moeten dan ook maar wegblijven. Maar zoekt u rust en afwisseling dan bent u in Stavenisse helemaal op uw plaats.