‘Altijd al willen weten waar de gekrompen en verdronken dorpen op Schouwen-Duiveland liggen, hoe ze eruit zagen en wat ermee gebeurd is’.
Het antwoord op die vraag staat in een flyer. Deze is een onderdeel van het project van de Stichting Landschapsbeheer Zeeland, dat werd uitgevoerd in samenwerking met de Gemeente Schouwen-Duiveland en de Vereniging Stad en Lande van Schouwen-Duiveland. Het doel is om de gekrompen en verdronken dorpen onder de aandacht te brengen. Dat gebeurt door middel van borden.

Flyer verdronken en gekrompen dorpen

Flyer verdronken en gekrompen dorpen

 

Doorkijkborden

Het zijn ‘doorkijkborden’. Wie ervoor staat en doorheen kijkt, ziet de contouren van het vroegere dorp, geprojecteerd tegen de plaats waar ze gelegen hebben. Centraal staat de kerk. Op het bord is informatie te lezen over het gekrompen of verdronken dorp. Het bekendste voorbeeld is de Plompe Toren. Deze staat pal aan de Oosterschelde. Deze toren is het enige zichtbare overblijfsel van het verdwenen dorp Koudekerke. Dit dorp is tussen 1475 en 1630 nagenoeg geheel verloren gegaan.

Telt Schouwen-Duiveland heden ten dage zeventien steden en dorpen, in vroeger tijden waren dat er veel meer. Meer dan twintig dorpen zijn gekrompen of verdwenen waarvan de namen vrijwel vergeten zijn. Klaaskinderkerke is zo’n onbekend dorp. Het is waarschijnlijk gesticht in de twaalfde eeuw. In een oorkonde van 14 januari 1286 wordt ‘seer Claiskinder’ vermeld. De kinderen van deze (ambachts)heer Clais of Klaas werden de naamgevers van het dorp. Op het eind van de dertiende eeuw werd hier een kerk gebouwd, die gewijd werd aan Sint Nicolaas. Het dorp werd getroffen door de Allerheiligenvloed van 1570, waarna de bewoners niet terugkeerden.

Restanten

Wat rest van Koudekerke - de Plompe Toren

Wat rest van Koudekerke – de Plompe Toren

De Allerheiligenvloed van 1570 trof het noordelijk deel van Schouwen zwaar, waaronder Klaaskinderkerke. Vijf jaar later werd het eiland, tijdens het beleg van Zierikzee door de troepen van koning Filips II, geïnundeerd. Voor onder meer Klaaskinderkerke waren de gevolgen funest. Slechts weinig inwoners keerden terug en afbraak van de kerk volgde. Toch bleef het ondanks alles tot 1813 een zelfstandige gemeente, waarna het werd ingedeeld bij Duivendijke, dat later ook in de vergetelheid raakte.

Het kerkhof bleef tot de watersnoodramp van 1953 in tact. In het kader van de herverkaveling is het verdwenen. In 1959 werd door de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek en het Instituut voor Antropobiologie van de Rijksuniversiteit Utrecht een opgraving uitgevoerd. Tijdens dat onderzoek werden de fundamenten van de kerk en skeletten gevonden.

Voormalig gemeentewapen Klaaskinderen

Voormalig gemeentewapen Klaaskinderen

Ook voor andere dorpen betekende de inundatie van 1575/1576 het begin van het einde. Kerken werden niet hersteld en vroeg of laat volgde afbraak. Naast Klaaskinderkerke zijn Zuidwelle en Duivendijke daarvan voorbeelden. Zuidwelle lag ten zuiden van Noordwelle en ten westen van Serooskerke; Duivendijke lag ten zuidwesten van Brouwershaven. De voormalige heerlijkheid Duivendijke was een voormalige gemeente. In 1961 werd deze gemeente, die nog slechts bestond uit de buurtschappen Brijdorpe, Looperskapelle en een deel van Scharendijke opgeheven.

 

Watersnoodramp

Ooit zelfstandige gemeenten

Ooit zelfstandige gemeenten

Ook de watersnoodramp van 1953 zorgde voor het krimpen van dorpen. Elkerzee, bij Scharendijke, is daarvan een voorbeeld. Viane, dichtbij Ouwerkerk, vormde vroeger een belangrijke schakel in het vervoer. Na de watersnoodramp van 1953 bleef er vrijwel niets over van het al sterk gekrompen plaatsje.

Schouwen-Duiveland werd steeds kleiner. Waar het ooit ovaal van vorm was, had de natuur in 1574 al haar wetk gedaan en was alleen de Groote Plaat nog over

Schouwen-Duiveland werd steeds kleiner. Waar het ooit ovaal van vorm was, had de natuur in 1574 al haar werk gedaan en was alleen de Groote Plaat nog over

Had Schouwen een ovale vorm, in de loop van de tijd veranderde die in een halve maan doordat een groot deel van het zogenaamde Zuidland verloren ging. Veertien welvarende dorpen en gehuchten gingen tussen 1300 en 1600 geleidelijk verloren. Steeds weer werden nieuwe inlaagdijken aangelegd als de zeedijk dreigde te bezwijken. Ook deze dorpen, met namen zoals Borrendamme, Clauskinderen, Jackenkerke, Rengerskerke en Zuidkerke, krijgen in het kader van dit project aandacht.

Doorkijk Viane

Doorkijk Viane

De dorpen worden belicht op informatieborden die worden geplaatst aan de zuidkust. In archeologisch, cultuurhistorisch en landschappelijk opzicht zijn verwijzingen naar deze verdronken en gekrompen dorpen van groot belang. Ze kunnen worden gezien als kleine pareltjes die een rol kunnen gaan spelen bij de toeristische en recreatieve ontsluiting van het buitengebied en een aanzet kunnen zijn tot het bezoeken en ontdekken van andere, bijzondere plekken op Schouwen-Duiveland.
Zo wordt de herinnering levend gehouden aan de plaatsen waar geleefd, gewoond en gewerkt werd.

Plaatsing

Waar vindt u de borden tijdens uw zoektocht.

  1. Zuidwelle – Zuidwellewekken, Noorwelle
  2. Ellemeet – Hogeweg
  3. Elkerzee – tegenover Elkerzeeseweg 73, Scharendijke
  4. Looperskapelle – tegenover Kapelleweg 28, Scharendijke
  5. Klaaskinderkerke – Parking duikplaats Nieuwe Kerkweg, Den Osse
  6. Brijdorpe – Hoogenboomweg, Scharendijke
  7. Duivendijke – Zuidernieuwlandweg, Brouwershaven
  8. Beldert – Zuiddijk/Zuiddijkweg, Dreischor
  9. Capelle – Zwanenburgseweg, Nieuwerkerk
  10. Viane – Oostersteijnweg, Ouwerkerk
  11. Nieuwerkerke – Turelureweg, Kerkwerve
  12. A. Westerschouwen – Steenweg, Strandovergang rotonde
  13. B. Bommenee – Havenhoofd Bommenee, oostkant
  14. C-H. Koudekerke – Parking Plompetorenweg, Burgh-Haamstede
  15. I-L. Heerenkeet – Parking Heerenkeet, Kerkwerve
  16. M-O. Levensstrijd – Parking Weldamseweg, Zierikzee

 

Met dank aan Dr. Huib Uil – Gemeentearchivaris Schouwen-Duiveland
Landschapsbeheer Zeeland