Nickerie is een district in het noordwesten van Suriname.  Het ligt aan de monding van de Corantijn, de rivier die de grens vormt tussen Suriname en Guyana. De hoofdstad van het district is Nieuw-Nickerie. Aan het begin van de kolonisatie rond 1800 was Nieuw Rotterdam de hoofdstad. Maar door een aantal overstromingen werd een nieuwe stad gebouwd, meer landinwaarts. De stad en het district zijn genoemd naar de rivier met dezelfde naam.

Het nieuwe paleis van Nickerie

Afkomst

Op 2 juli 1922 werd Frank Alwin Koulen in dit Nickerie geboren.  Veel toekomst zag de jonge ondernemende gast niet voor zichzelf weggelegd in zijn geboorteplaats. Op zijn 18de jaar, in 1940 vertrok Koulen naar Curaçao waar hij zich meldde bij de marine. Hij werd opgeleid tot boordschutter.

Soldaat

In 1943 tekende hij een contract bij het Korps Mariniers. Het begin van een onvermoede reis. Via New York en Engeland waar hij verder werd opgeleid was hij betrokken bij de landing op Normandië.  Vandaar trok hij, als lid van een Canadees bataljon, vechtend naar het Noorden om uiteindelijk in Terneuzen mee te helpen aan de bevrijding van Zeeuws-Vlaanderen.

Hoornblazer Frank Koule voor de troepen

Bevrijding

Op 5 mei, de dag van de bevrijding, werd in Terneuzen een militaire parade gehouden. De troepen verzamelden zich op de markt. Vandaar marcheerden zij door de stad om hun parade weer te eindigen op de markt.

Bij veel Terneuzenaren viel de mond van verbazing open. De troepen werden voorafgegaan door een donkere man in marine-uniform die op een glimmende hoorn liep te blazen. Veel inwoners van de stad hadden nog nooit een gekleurde landgenoot gezien. Terneuzen maakte op die dag met de hoornblazer Frank Koulen.

Principes

Na het bevrijdingsfeest kreeg Koulen verkering met Vera van de Bruele. Zij bestierde, samen met haar moeder, een wol- en breiwinkel. Maar er doken donkere wolken op boven het verliefde stel

In oktober 1945 werd hij, inmiddels bevorderd tot marinier eerste klasse, gelegerd in Tilburg.  Daarna volgden overplaatsingen naar Amsterdam, Bergen op Zoom en Volkel. Al deze overplaatsingen konden niet verhinderen dat hij in januari 1947, inmiddels bevorderd tot korporaal, trouwde met zijn Vera.

Wervingsposter die opriep tot dienstneming

In augustus van dat jaar kreeg hij bevel zich in te schepen op de ‘Kota Inten’ om zich in Nederlands Indië aan te sluiten bij de Mariniersbrigade. Tot de oprichting van de Mariniersbrigade werd tijdens de Tweede Wereldoorlog besloten door de Nederlandse regering in ballingschap. De nieuw te vormen eenheid zou een bijdrage moeten leveren aan de geallieerde oorlogsinspanning tegen Japan en meer in het bijzonder aan de bevrijding van Nederlands-Indië.

 

Camp Lejeune

 

 

 

 

 

 

 

De Mariniersbrigade werd opgeleid in de Verenigde Staten, met name in Camp Lejeune. De brigade was bestemd om samen met de Amerikanen de overgebleven Japanners uit de kolonie te verdrijven. Toen Koulen, samen met nog 90 andere Surinamers en Antillianen op weg was naar Amerika ontstond er een probleem. De Verenigde Staten bleken niet bereid deze zwarte mariniers toe te laten tot een opleiding in Lejeune.

Na de bevrijding van Nederlands-Indië werden de niet volledig opgeleide mariniers alsnog ingescheept om ingezet te worden tegen de Indonesische vrijheidsstrijders. Voor zijn inscheping had Koulen te kennen gegeven er geen zin in te hebben om Indonesiërs te bevechten. Hij beriep zich op een toespraak van koningin Wilhelmina waarin deze beloofde dat na de oorlog het Koninkrijk op basis van gelijkwaardigheid zou worden ingericht.

Zijn zogenaamde pacifistische instelling kostte Koulen zijn inschepingsverlof en zijn bevordering tot sergeant. De marineleiding had respect voor zijn opstelling en Koulen werd geplaatst op Soerabaja. Daar kreeg hij een vredige baan als kantinebeheerder, waar hij de nodige horeca-ervaring opdeed. Koulen was een beminnelijk mens. Dat leverde hem in 1948 alsnog zijn bevordering tot sergeant op.

Thuiskomende militairen aan boord van de Groote Beer

Terug thuis

In mei 1949 keerde Koulen met de Groote Beer terug naar Nederland. Hij werd geplaatst in Rotterdam. In mei 1950 kreeg hij, na zeven jaar actieve dienst, hoewel hij maar voor zes jaar had getekend, eervol ontslag en keerde hij als burgerman terug naar Terneuzen waar hij samen met Vera de zaak van zijn schoonouders ging uitbaten.

 

 

 

Porgy en Bess

Porgy en Bess

Drie jaar later kochten zij een woonhuis annex winkel tegenover de breiwinkel. Op 20 april 1957 opende Koulen hier de lunchroom Porgy en Bess. Hij was zijn militaire verleden nagenoeg vergeten, maar zijn hoorn en later zijn trompet niet. Regelmatig schalde de tonen van zijn instrument door de Noordstraat. Dit was het begin van wat later het wereldberoemde Jazzcafé ‘Porgy en Bess’ zou worden.

Naam en faam

Tijdens zijn verblijf in New York had hij de opera Porgy and Bess met daarin het beroemde ‘Summertime’ van Gershwin bezocht Daardoor was zijn liefde voor jazz ontstaan en is de naam van zijn jazzcafé verklaard.

Het zelf ontworpen uithangbord

Al snel veranderde de lunchroom in een jazzcafé waar steeds meer werd opgetreden. Vanuit Porgy en Bess ontplooide Koulen steeds meer initiatieven. Hij organiseerde de eerste New-Orleans Street Parade in Nederland tijdens een, ook door hem georganiseerde braderie. Hij bleek een geweldig gastheer. Voor de bij hem optredende artiesten kookte hij persoonlijk Surinaamse maaltijden. Geen gast kwam binnen zonder als man een persoonlijke hand en als dame een zoen te krijgen.

Theater Porgy en Bess

Cultuurcentrum

Het jazzcafé groeide en werd verbouwd tot een cultuurcentrum.. Porgy en Bess groeide en werd een cultuurpodium waar alle soorten muziek als jazz, blues, klassiek, maar ook literatuur en cabaret een plaats kregen. Tal van lokale bands zetten hier hun eerste stappen op een podium.

 

Koulen wist tal van grootheden waaronder Oscar Harris, Toots Thielemans, Chet Baker, Boy Edgar en Art Blakey te verleiden op te treden in Porgy en Bess. Hij ontplooide talloze initiatieven en bevrijdde de Terneuzenaren van de vooroorlogse bekrompen moraal die toen nog steeds heerste.

Toots Thielemans

Chat Baker

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zijn overlijden op 15 september 1985 werd in Terneuzen gezien als een enorme klap en groot verlies.

Standbeeld

Omwille van zijn verdiensten voor Terneuzen werd Frank Kouten herdacht met een standbeeld. Op de herdenking van zijn sterfdag in 2018, werd een levensgroot beeld onthuld, vlak bij zijn levenswerk. De onthulling werd verricht door zijn kinderen.

Frank Kouten zal, verwelkomend met zijn hoed en uitgestoken hand voor eeuwig herinnerd worden in Terneuzen. In dit bijgevoegde filmpje kunt u getuige zijn van deze gebeurtenis.

Sfeer genoeg bij de onthulling