De uitvinding van kernenergie zou de wereld voorgoed veranderen. Niet alleen vanwege het feit dat de dreiging reëel was dat oorlogen een ander verloop zouden kennen. Nee, ook de vreedzame toepassing van kernenergie zou de wereld veranderen.

Experiment

In een experimentele kernreactor in Idaho in de Verenigde Staten werd op 20 december 1951 voor het eerst elektriciteit opgewekt met kernenergie. Er kwamen andere experimentele centrales, maar de eerste commerciële reactor in de moderne wereld was die van Calder Hall in Sellafield in Engeland. Deze leverde een vermogen van 50 MW bij de opening in 1956. De opkomst van kerncentrales was niet meer te stoppen.

De eerste kerncentrale in Calder Sellafield

De eerste kerncentrale in Calder Sellafield

Protesten

Halverwege de jaren zestig van vorige eeuw waren de eerste geluiden tegen het gebruik van kernenergie te horen. Ze waaiden over van Amerika naar Europa. Merkwaardig genoeg waren deze afkomstig vanuit de nucleaire industrie zelf. Wetenschappers toonden zich bezorgd over de (te) snelle ontwikkeling van dit fenomeen en de bijna kritiekloze en bijzonder optimistische verwachtingen van kernenergie. Ook waarschuwden zij voor de risico’s. Het grootste risico van een kerncentrale is het vrijkomen van radioactief materiaal uit een kernreactor, waarbij de gezondheid van grote aantallen mensen en dieren in een aanzienlijk gebied rond de kerncentrale in gevaar zou kunnen komen.

Geen kernenergie

Geen kernenergie

Toch bouwen

Ondanks de aanzwellende tegengeluiden besloot men in Nederland ook kerncentrales te gaan bouwen. In 1969 bestelde de Provinciale Zeeuwse Elektriciteitsproductiemaatschappij een centrale. Deze zou worden gebouwd bij Borssele. De reactor, een drukwaterreactor, en de centrale werden gebouwd door Siemens KWU. Stormen van protest staken de kop op en er werden tal van demonstraties gehouden. Vooral de Antikernenergiebeweging (AKB) roerde zich hevig. Zij bracht de gevaren naar voren die volgens haar het gebruik van deze vorm van energie opwekking met zich meebracht. De middelen die zij gebruikte om het doel, stoppen van kernenergie, te bereiken varieerden van voorlichting tot directe actie. Vooral dat laatste leidde tot grote manifestaties.

Toch kon zij niet voorkomen dat de centrale in 1973 in gebruik werd genomen.

Demonstratie bij Borssele 1974 - Foto Rob Croes

Demonstratie bij Borssele 1974 – Foto Rob Croes

 

Geen einddatum

Bij de ingebruikstelling van de centrale was geen einddatum afgegeven. Door het eerste paarse kabinet werd besloten om Borssele aan het einde van de geplande levensduur, in 2003, te sluiten. De vergunning hiertoe werd aangepast. Het personeel pikte dit niet en spande een zaak aan. De aanpassing werd teruggedraaid door de Raad van State.

Het intussen demissionaire kabinet Balkenende II vond het vervolgens in 2003 niet verstandig de centrale te sluiten. Dit met het oog op de Kyotodoelstellingen die de uitstoot van kooldioxide zou moeten verminderen.

Flinke productie

In 2003, 2007, 2008 en 2009 produceerde Borssele meer dan 4 terra wattuur. Dat betekent dat de centrale 94% van de tijd in bedrijf was. Ze nam 3,9% van de Nederlandse productie van elektriciteit voor haar rekening.

Het centralecomplex in Borssele

Het centralecomplex in Borssele

Op 16 juni 2006 werd door de regering met de eigenaren een contract gesloten. In het zogenoemde Borssele convenant werd vastgelegd dat de centrale tot 2033 in bedrijf zou kunnen blijven. De eigenaren, inmiddels waren dat Delta, de opvolger van de PZEM en mede-eigenaar Essent zouden 250 miljoen euro investeren in een fonds voor duurzame energie.

De extra winsten die ontstonden door het langer openhouden van de centrale zouden deels worden benut voor de ontwikkeling van duurzame energie.

Begin 2009 ontstonden er concrete plannen voor de bouw van een nieuwe centrale, De Borssele 2. In het regeerakkoord van het kabinet Rutte II werd vastgelegd dat er meer kernenergie nodig zou zijn om de transitie naar schonere energieproductie mogelijk te maken.

Nu nog in bedrijf

Nu nog in bedrijf

Maatschappelijk verzet

Tegen de plannen rees maatschappelijk verzet. In mei 2010 werd het actiecomité ‘Borssele 2, Nee!’ opgericht vanuit verschillende politieke partijen. Later sloot de milieubeweging zich daarbij aan. Ook de Antikernenergiebeweging werd weer actief. Aanvankelijk kregen zij weinig gehoor. Maar dat veranderde na de kernramp van Fukushima op 11 maart 2011.

Explosie van de centrale in Fukushima

Explosie van de centrale in Fukushima

 

 

Borssele 2

Op 23 januari 2012 maakte Delta bekend de plannen voor Borssele 2 voorlopig in de ijskast te zetten. De reden hiervoor was, dat door de economische crisis er overcapaciteit was op de elektriciteitsmarkt wat leidde tot bijzonder lage prijzen.

Voorlopig dus geen nieuwe centrale. Maar het bleef wel rommelen. Delta was inmiddels financieel in zwaar weer terecht gekomen. Er moest een oplossing voor de problemen worden gevonden. Daarom klopte de aandeelhouders van Delta – de provincie Zeeland en negentien gemeenten in Zeeland en West-Brabant aan bij de staat om hulp.

Interieur van de centrale

Interieur van de centrale

De ministers van financiële zaken en economische zaken wilden de aandeelhouders een garantie geven zodat ze in staat zouden zijn een nieuw, financieel gezond nutsbedrijf op te zetten. Hierdoor konden, volgens het kabinet in Zeeland honderden banen worden behouden en zou er in 2033 voldoende geld in kas moeten zijn om de centrale te ontmantelen.

Meningsverschillen

De provincie Zeeland, die als vertegenwoordiger namens de aandeelhouders onderhandelde ging hier niet mee akkoord. Zij vonden het aanbod van de ministers te mager. Ook werden er aan het akkoord bepaalde eisen verbonden.

De provincie vond het niet eerlijk dat de mogelijkheden van Delta door de regels die de overheid stelde werden beperkt. Zo mocht de centrale niet aan een buitenlands bedrijf worden verkocht en Delta werd verplicht zich op te splitsen in een netwerkbedrijf en een energie opwekkingsbedrijf. Ook zou er een koper moeten worden gevonden voor de telecomtak van Delta.

logo Delta

logo Delta

Delta stelde zich op het standpunt dat de regering te weinig meedeelt in de lasten van de oude kerncentrale.

Het kabinet zei verrast te zijn door de afwijzing. Volgens het regering moesten de provincie en gemeenten nu gezonde bedrijfsonderdelen gaan verkopen om de nucleaire veiligheid van Borssele te kunnen blijven betalen.

De provincie Zeeland stelt dat het zo ver niet hoeft te komen. De Rijksoverheid moet de kerncentrale overnemen of beter meedenken met andere voorstellen van de provincie. Of de onderhandelingen ondanks dit meningsverschil verder gaan, is op dit moment niet duidelijk.

De onrust is overigens niet weggenomen. De veelvuldig optredende problemen in België met de kerncentrales in het nabijgelegen Doel en het vlak bij Zuid Limburg liggende Tihange, en het in verband daarmee preventief uitdelen van jodiumtabletten helpt niet echt mee.

Enfin, wordt vervolgd.