Op 16 oktober is het precies 406 jaar geleden dat een vierling werd gedoopt in Kapelle-Biezelinge. De geboorte van een vierling is zeldzaam, toen nog meer dan nu.

Een meer en meer voorkomend fenomeen tegenwoordig is de geboorte van meerlingen.

De term meerling verwijst naar meer dan één kind in dezelfde baarmoeder tijdens de zwangerschap.

Liefde, moeder met kinderen. Prent door Crispijn de Passe, ca 1600. Collectie Rijksmuseum RP-P-1952-256

 

Kunstmatige bevruchting

Waar het vroeger nog een fenomeen was, komt het tegenwoordig vanwege kunstmatige bevruchting of ivf steeds vaker voor.

In-vitrofertilisatie, of kortweg ivf, ook wel reageerbuisbevruchting of proefbuisbevruchting genoemd, is een voortplantingstechniek waarbij een of meer eicellen buiten het lichaam worden bevrucht met zaadcellen, waarna de ontstane embryo’s in de baarmoeder teruggeplaatst worden. De kans dat in dit geval meer embryo’s zich volledig ontwikkelen neemt daardoor steeds meer toe.

Overigens, Na bevruchting via ivf, zal er nooit sprake zijn van eeneiige meerlingen.

 

De zeldzame vierling, Jane, Jean, Joan en June Gilmartin – 1931

 

Zeldzaamheid

Kortom, een eeneiige vierling is iets wat niet vaak voorkomt, zeker niet door normale bevruchting.

De kans op overleven bij een vierling is dan ook vaak gering. Met name tot tientallen jaren geleden was de medische zorg veel minder ontwikkeld en bij een neonaat (Het Latijnse woord voor een pasgeboren kind is ‘neonatus’ (‘nieuw geboren man’). De dokter noemt een kind tot de leeftijd van 30 dagen daarom een ‘neonaat’. Komt een baby te vroeg ter wereld dan spreken we van een prematuur.

Over het algemeen worden prematuren (veel) te vroeg geboren waardoor er meestal achterstanden in hun ontwikkeling ontstaat en overlevingskans kleiner is.

Roosendaalse vijfling – Bericht Haarlems Dagblad uit 1957

 

In het verleden waren die kansen miniem. In 1927 werd in Roosendaal een  vijfling geboren. De kinderen werden drie maanden te vroeg geboren en wogen slechts tussen de 300 en 600 gram. Binnen enige dagen waren vier van de prematuren overleden. Tegenwoordig krijgen dit soort baby’s in een couveuse alle zorg die maar denkbaar is.

Warmte, liefde en zorg voor prematuren in de couveuse

 

 

 

 

 

 

Wonderlijke ontdekking

Die woensdag in 16 oktober 1613 werden de vier kinderen van Cornelis Pieterssen en Chatelyncken Heyndricksen gedoopt in Kapelle-Biezelinge. Dat Geertruijt, Pieter, Heijndrick en Andries lang en gelukkig hebben geleefd, is niet aan te nemen – de levenskansen voor meerlingen waren niet groot, en dat gold ook voor de moeder.

Vermoedelijk zijn de kinderen snel na hun geboorte gedoopt. Dat gebeurde in de Hervormde Gemeente Kapelle-Biezelinge. Vanaf het beginjaar 1596 was de Hervormde Gemeente Biezelinge tot 1659 gecombineerd met de HG Kapelle. De plaats van doop staat in dit geval niet aangegeven, dus dat kan zowel Biezelinge als Kapelle zijn.

De ‘vondst’ van de vierling is gedaan door Jan-Willem Besuijen, vrijwilliger bij het Zeeuws Archief. Samen met andere vrijwilligers van het Zeeuws Archief buigt hij zich over de transcriptie van retroacta uit de archieven van de gemeente Kapelle. Retroacta zijn de registers waarin de kerkelijke bevolkingsadministratie tot aan de invoering van de burgerlijke stand werd bijgehouden. Het gaat om doop-, trouw- en begraafregisters.

Inschrijving in het doopregister

Op de transcriptie van de Hervormde Gemeente van Biezelinge staat:

Transcriptie

Doopinschrijving van een vierling in 1613 te Kapelle of Biezelinge

Bron: archief Hervormde Gemeente Kapelle, T. 345 / inv. 533 Transcriptie: Jan-Willem Besuijen

[Op den] 16en octobris ghedoopt d’kinderen van Cornelis Pieterssen geprocreërt bij Chatelyncken Heyndricksen,
dezelve kinderen werden ghenoempt d’hautste Geertruijt, ’t IIe Pieter, ’t IIIe daer-
naer Heijndrick, ende ’t laetste Andries.

Volghen de getuygen der voorscreven kinderen, over ’t houtste kint
Geertruijt: Jan Joossen ende Maeyken d’Homaes, item over Pieter: Dijgne Jans ende
Pietronella Diericxsdr, item over Heijndrick: Neelken weduwe van Jacob Jobssen, item over Andries ’t jongste: Tanneken Lievenssen ende Marij Cocqs.

Het doopregister van de doopvierling