De Unie van Utrecht is een overeenkomst tussen een aantal Nederlandse gewesten, die een gezamenlijke inzet vastlegde om de Spanjaarden te verdrijven. Hierin werden een aantal staatkundige zaken geregeld op het gebied van bijvoorbeeld defensie, belastingen en godsdienst. Hierdoor wordt het betreffende traktaat ook wel gezien als een eerste versie of voorloper van een latere grondwet. Omdat de unie een aanvulling vormde op de zogeheten Generale Unie van 1576 – Pacificatie van Gent – wordt ook wel gesproken van de Nadere Unie.

Allegorie op Pacificatie van Gent, naar Adriaen Pietersz. van de Venne.

Pacificatie van Gent

De Pacificatie van Gent (ook: Bevrediging van Gent) is een op 8 november 1576  gesloten overeenkomst tussen de gewesten van de Nederlanden om zich aaneen te sluiten in een zogeheten Generale Unie. Ze werd ondertekend in de pacificatiezaal van het Stadhuis van Gent. Dit politieke succes van Willem van Oranje was mogelijk dankzij de Spaanse Furie, de plundering op 4 november 1576 van Antwerpen door Spaanse soldaten die hun achterstallige soldij wilden aanvullen. Hierdoor was onder alle gezindten in de Lage Landen een sterk anti-Spaanse stemming ontstaan.

Unie van Utrecht

Op 23 januari 1579 werd een overeenkomst tussen een aantal Nederlandse gewesten ondertekent. Dit als antwoord op de Unie van Atrecht. In Utrecht  werd overeengekomen dat deze gewesten zich gezamenlijk zouden inzetten om de Spanjaarden uit het land te verdrijven. Daarnaast werd een aantal staatskundige zaken, zoals defensie, belastingen en godsdienst geregeld. Dit verdrag van de Unie van Utrecht kan worden gezien als de voorloper van onze grondwet.

Voorloper grondwet

De ondertekening in de kapittelzaal van de domkerk

De ondertekening in de kapittelzaal van de domkerk

Zeeland drukte op de Unie van Utrecht behoorlijk haar stempel. Het verdrag werd mede ondertekend door de gewesten Gelre, Zutphen, Holland, Utrecht en de Groningse Ommelanden. Later besloten Gent, Nijmegen, Arnhem, Friesland, Venlo, Amersfoort, Ieper, Antwerpen, Breda, Brugge, Lier en Drenthe zich aan.

Tweespalt

De Brabantse steden ’s ‘s-Hertogenbosch en Leuven konden zich niet aansluiten. Ze waren in handen van de Spanjaarden. ‘s-Hertogenbosch had zich in eerste instantie bij de beide unies aangesloten, maar door het schermersoproer werd de stad alleen nog onderdeel van de Unie van Atrecht.

Het Schermersoproer was een gevecht in ‘s-Hertogenbosch op 1 juli 1579,  waarbij  katholieke en protestantse Bossche burgers raakten met elkaar slaags op de markt van Den Bosch. De katholieken kregen de macht over de stad.

Unie van Atrecht

Op 6 januari 1579 werd in de stad Atrecht, het huidige Arras in Noord Frankrijk de Unie van Atrecht gesloten. Daarbij verzoenden een aantal Waalse gewesten, dat zich in 1576 bij de Pacificatie van Gent had aangesloten, zich weer met de Spaanse stadhouder,  Alexander Farnese, de hertog van Alva. Arras behoorde sindsdien tot de Spaanse Nederlanden.

Alexander Farnese – hertog van Alva naar Otto van Veen

De Unie van Atrecht werd enige maanden later gevolgd door het Traktaat van Atrecht. In deze overeenkomst verzoenden Artesië, Kamerijk, Henegouwen en Romaans-Vlaanderen zich met Philips II van Spanje en Alexander Farnese, de hertog van Parma. Eigenlijk werd hiermee de scheiding tussen de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden ingezet wat leidde tot de Unie van Utrecht als opposant van de Unie van Atrecht.

Dom van Utrecht

De ondertekening van de Unie van Utrecht vond plaats in de kapittelzaal van de Dom van Utrecht, momenteel de aula van de Universiteit van Utrecht. Het uiteindelijke document was een aanpassing van het ontwerp dat was geschreven door Floris Thin, de advocaat van de Staten van Utrecht.

Jan van Nassau, de jongere broer van Willem van Oranje, ondertekende als eerste het verdrag. Hij werd gevolgd door vier Gelderse edelen voor elk van de Gelderse kwartieren, waaronder Zutphen. Maar deze edelen hadden daartoe geen volmacht.

Jan van Nassau - ook wel Jan de Oude

Jan van Nassau – ook wel Jan de Oude

Tenslotte zetten alleen de afgevaardigden van Holland, Zeeland, Utrecht en de Ommelanden hun handtekening.

Inhoud

Bij de Unie van Utrecht werd officieel vastgelegd dat:

De aangesloten gewesten naar de buitenwereld zouden opereren als één gewest;

In het binnenland hield elk gewest zijn eigen privileges;

Er kwam een gemeenschappelijk leger en de dienstplicht werd ingevoerd;

De gewesten zouden elkaar bijstaan in de strijd;

De kosten voor de verdediging van de grenssteden zouden voor de helft door alle gewesten gezamenlijk worden gedragen. Hiervoor werd een speciale belasting in het leven geroepen;

Steden waren verplicht garnizoenen te herbergen. De kosten hiervoor zouden door de gezamenlijke gewesten worden gedragen;

Er werd in Holland en Zeeland persoonlijke vrijheid van godsdienst ingesteld. De overige gewesten en steden kregen de vrijheid om een eigen beleid op het gebied van godsdienst te voeren.

In een op 1 februari 1579 aangenomen nadere ‘Verclaringe’ werd bepaald dat goedwillende steden en gewesten die katholiek wensten te blijven (’s ‘s-Hertogenbosch) niet van deelname aan de Unie zouden worden uitgesloten.

Verder bevatte de Unie bepalingen over welke besluiten unaniem en welke bij meerderheid genomen moesten worden, ook de positie van de stadhouder en hoe met potentiële meningsverschillen zou worden omgegaan werd bij wet bepaald.

Problemen met het geloof

Op aandringen van Holland en Zeeland werd het artikel over het geloof zodanig gewijzigd dat er in ieder gewest slechts ruimte was voor uitsluiten katholicisme óf uitsluitend calvinisme. Deze bepaling zou binnen enkele jaren leiden tot het uitgesproken calvinistische karakter van de aangesloten gewesten.

Het werd moeilijk om openlijk het katholieke geloof te belijden zonder Spaansgezind te lijken. Willem van Oranje bleef zich beijveren voor verdraagzaamheid.

 

De handtekeningen onder de overeenkomst

De handtekeningen onder de overeenkomst

 

Belangrijker dan we denken

De Unie van Utrecht was een belangrijk document en min of meer de geboorte van het land waarin we nu leven. 23 januari 1579 is een datum die eigenlijk iedereen zich zou moeten herinneren.