Op 21 december 1899 stond een glunderende burgemeester van Terneuzen, Dhr. Geill, gereed met een troffel om officieel een eerste steen te leggen. Deze moest de bouw markeren van een complete staalfabriek.

Tolhuis aan het kanaal in Gent

Sas van Gent

In Sas van Gent, ruim 10 kilometer naar het zuiden, was aan het kanaal van Gent naar Terneuzen, onder invloed van de industrialisatiegolf een aantal nieuwe fabrieken gebouwd. Daaronder beetwortelfabrieken (suikerbieten) en een glasfabriek.

Terneuzen zou er een moord voor plegen als ze op de steeds sneller rijdende trein van de modernisering zou kunnen springen.

Feest

In 1899 werden er vanuit België, bij de gemeente Terneuzen, plannen ingediend voor het bouwen van een hypermoderne staalfabriek. Deze zou worden gebouwd ten zuiden van de stad, langs het kanaal in de Oude Zevenaarpolder vlak bij de Lange Blikstraat.

Gezicht 0p de staalfabriek

De vreugde in Terneuzen was groot. De plannen werden dan ook onmiddellijk omarmd. De naam voor het bedrijf, Frans was nog steeds de voertaal in België, werd gedeponeerd en de staalfabriek zou ´Societé Anonyme des Forges et Acières Néerlandais à Terneuzen` gaan heten. In gewone mensentaal werd het bedrijf al snel staalfabriek Terneuzen genoemd.

De Belgische keuze voor Terneuzen werd voor een belangrijk deel bepaald door de gunstige ligging en de goede transportmogelijkheden van de stad, zowel over zee, als via de binnenwateren en per trein. Ook de relatief goedkope arbeidskrachten op Zeeuws-Vlaanderen waren mede bepalend.

Investeren

Tussen het kanaal van Gent naar Terneuzen en de spoorlijn naar Gent moest 37 ha. landbouwgrond worden aangekocht. De boeren moesten wijken voor fabrieksgebouwen, opslag en een rij monumentale fabriekswoningen. Hiervoor was een bedrag van maar liefst Fl. 550.000 nodig.

Aandeel van 250 franc

Aandelen

In de Terneuzensche Courant werd de uitgifte van 9.000 aandelen van 250 francs aan toonder aangekondigd. Één gulden was in die tijd twee francs waard. Grote aandeelhouders van de onderneming waren Alphonse en Gustave Carels. Zij waren al eigenaren van fabrieken voor locomotieven en machinerieën in Gent.

 

 

Staalfabriek Terneuzen begin 20ste eeuw, kort voor of na de ingebruikname die niet door ging. © Heemkundige Vereniging Terneuzen

De bouw

Aannemer Morial uit Gent werd belast met de bouw. Deze spaarde tijd noch geld. In geen tijd werden funderingen tot vijf meter diep gemetseld. Hierop kwamen drie Bessemer convertors. Twee koepelovens kregen hun plaats op het terrein en er werden drie van de meest moderne walsstraten gebouwd. Schoorstenen reikten naar de hemel en er werkt gewerkt aan deftige directiewoningen. Er kwam een complete elektriciteitscentrale en de fabriek zou een productiecapaciteit van 120 kiloton per jaar krijgen.

Oplichting en bedrog

Een jaar na de start van de bouw ontstonden er al geruchten over fraude en oplichting. De secretaris van de fabriek; A.L. Roest, werd betrapt op verduistering van 600 gulden. Er werd een aanklacht tegen hem ingediend en hij werd op staande voet ontslagen. In vergelijking met anderen kon men hier alleen maar spreken over peanuts.

Nestor Wilmart

Nestor Wilmart pakte zaken graag groot aan. Via onopvallende trucs had hij een enorm kapitaal vergaard. Begonnen als rechtenstudent wist hij zich op te werken tot raadgever voor banken en rijke particulieren. Daarbij zorgde hij goed voor zichzelf.

Naam maakte hij toen hij zich de spoorlijn Gent-Terneuzen verwierf. Vanuit deze positie breidde hij zijn invloed steeds verder uit. Daarbij maakte hij gebruik van vervalste obligaties en vervalste contracten. Hij kreeg niet voor niets de naam ‘ zwendeldirecteur’.

Wilmart was betrokken bij de oprichting van de staalfabriek maar, zo zou later blijken, had hij een groot deel van het kapitaal verduisterd. Hij werd enige jaren na het debacle van Terneuzen opgepakt en voorgeleid.

De akte van beschuldiging tegen Wilmart en zijn naaste medewerkers Rasquin en Waechter luidde:
‘Namaak van 3% schuldbrieven en van preferente aandelen van GT, alsmede namaak van de bijbehorende coupons’.
Voorts: ‘valsheid in geschrifte en gebruik daarvan in de geschriften der maatschappij en in de balans’.
De rechtbank had tot augustus 1914 twaalf zittingen nodig om tot een uitspraak te komen: 8 jaar gevangenisstraf voor Wilmart, welke straf op 2 februari 1916 in hoger beroep tot 6 jaar werd teruggebracht.

Gezocht, de wolf van Terneuzen

Einde fabriek

Maar het kwaad was geschied. Op zondag 28 juli 1901 werd de bouw van de staalfabriek stil gelegd. Het personeel werd, door gebrek aan geld, ontslagen. De fabriek stond op dat moment op het punt op te gaan starten.

Tot 1903 werd nog geprobeerd een doorstart te maken, maar iedere poging hiertoe mislukte. Op 8 december 1903, vier jaar na de eerste steenlegging, besloten de aandeelhouders de stekker uit het project te trekken. Men ging over tot de liquidatie van de vennootschap.

Hergebruik.

De een zijn dood is de ander zijn brood. Gustave Boēl had een groot belang in tal van ondernemingen in het Belgische Henegouwen. Naast kolenmijnen beschikte hij ook over een totaal verouderde staalfabriek in La Louvière.

Boēl kocht het hele complex. In 1906 verhuisde hij alle machines en inboedel naar zijn Belgische thuishaven. De gebouwen en de zes schoorstenen bleven troosteloos, als een nutteloze investering, onbeheerd achter.

Oorlogen

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de leegstaande gebouwen gebruikt om Belgische vluchtelingen op te vangen. De slag om Antwerpen vanaf eind september deed een grote vluchtelingenstroom op gang komen. Na de val van Antwerpen op 9 en 10 oktober werd de stad massaal verlaten, niet alleen burgers, maar ook Belgische en Engelse militairen staken de grens met Nederland over. Van hen kwamen er 550.000 via de Belgisch-Zeeuws-Vlaamse grens. Een groot deel van deze vluchtelingen kreeg eerste hulp in de oude staalfabriek in Terneuzen.

Na het bombardement

Na de machtsovername door Adolf Hitler in 1933 werd de bloeiende Duitse filmindustrie steeds vaker ingezet voor het maken van propagandafilms. Hierin werden heldendaden van verschillende legeronderdelen, al dan niet gepleegd, verheerlijkt.

De makers namen het niet al te nauw met de waarheid, zolang men aan het thuisfront maar geloofde in het moedige optreden van het Duitse leger.

Om dit doel te bereiken werd naarstig gezocht naar locaties die het gelijk van de filmers moesten bewijzen. Om die reden werd ook de staalfabriek van Terneuzen ten behoeve van een propagandafilm gebombardeerd. Het doel hiervan was aan te tonen hoe effectief de nazi bombardementen op Engeland waren.

Sloop

Niemand kan verklaren waarom de troosteloze ruïnes, die na het bombardement resteerden, niet meteen werden gesloopt. Toch zou het nog tot 1972 duren voor men voorgoed afscheid nam van het verloederde restant van een van de grootste teleurstellingen die Terneuzen in haar geschiedenis te verwerken kreeg.