De Middelburger Arent Roggeveen was een welgesteld man. Hij was wiskundige, dichter, had grote kennis van sterrenkunde en aardrijkskunde en de theorie van de zeevaart. Vermoedelijk werd hij aan het einde van januari 1659 vader van een zoon: Jacob.

Arent Roggeveen – Collectie Marinemuseum

Onderzoekende geest

Arent Roggeveen was niet alleen welgesteld maar ook veelzijdig. Hij was dichter en wiskundige en had ook veel kennis van sterrenkunde en aardrijkskunde. Daarnaast had hij zich gespecialiseerd in de theorie van de zeevaart. Vanwege zijn grote kennis was hij aangetrokken als cartograaf van de VOC-kamer Zeeland waarvoor hij al kaarten van de westkust van Amerika had vervaardigd.

Samen met zijn zoon Johan was hij een onderzoek gestart naar het toen nog onbekende Zuidland. Hij wist de West-Indische Compagnie zodanig te enthousiasmeren dat deze hem in 1671 een octrooi verstrekte voor een ontdekkingstocht.

Johan en Cornelis de Witt

Rampjaar

1672 was het Rampjaar voor de Nederlandsche geschiedenis. Het volk was redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos. In de Republiek der Zeven Verenigde Provinciën stond de republikeinse regering lijnrecht tegenover de Orangisten. In dat jaar begon de Hollandse Oorlog en werd het land aangevallen door Engeland, Frankrijk en de bisdommen van Keulen en Munster. Het redeloze volk gaf de schuld aan raadspensionaris Johan de Witt, die samen met zijn broer op 20 augustus 1672 gruwelijke wijze vermoord.

Vanwege alle onrust in de republiek werd het project van Arent om het Zuidland te ontdekken niet voorgezet.

 

Jacob Roggeveen

De zoon van Arent, Jacob had een veelbewogen leven achter de rug. In 1680 vertrok hij voor een reis naar Batavia. Omdat hij verstand had van boekhouden werd hij als verantwoordelijke voor de personeelsadministratie van de stad. Lang kon dit werk hem niet boeien. Hij keerde terug naar Zeeland waar hij zich op 30 maart 1683 vestigde als notaris in Middelburg. Daarnaast ging hij opnieuw studeren en op 12 augustus 1690 promoveerde hij tot doctor in de rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Harderwijk.

Jacob Roggeveen

VOC

In 1706 trad Roggeveen in dienst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en vertrok opnieuw naar Indië. Van 1707 tot 1714 werkte hij in Batavia als Raadsheer van Justitie. Hier trouwde hij met Anna Clement, maar lang duurde het huwelijk niet en Roggeveen werd weduwnaar. Verdrietig keerde hij in 1714 terug naar Middelburg.

Verbanning

Hij maakte kennis met Pontiaan van Hattem, een vrijzinnig predikant. Deze ontwikkelde, beïnvloed door de ideeën van Spinoza, zijn vrijzinnige opvattingen. Hij publiceerde deze in zijn ‘De val van ’s werelds afgod’.

Jacob Roggeveen kon zich vinden in de ideeën van Van Hattem en hielp mee de eerste in 1718 uit te geven.

Titelpagina van den val van ‘s-Werelts Afgod

 

 

Het stadsbestuur van Middelburg dacht hier echter anders over. Het boek werd in beslag genomen en openbaar verbrand. Roggeveen moest Middelburg verlaten en vertrok naar Vlissingen. Maar ook daar was hij niet welkom en hij verliet de stad om zich in Arnemuiden te vestigen. Dat hij een man van principes was mag blijken dat hij deel 2 en 3 van ‘De val van ’s werelds afgod’ op eigen kosten uitgaf. Hierdoor ontstond opnieuw controverse.

 

 

 

Naar Zuidland

Na enkele jaren was de rust teruggekeerd. Hij werd in genade aangenomen door de West-Indische Compagnie. Hij kwam met het oude idee van zijn vader op de proppen en dit keer kreeg hij medewerking.

Op 1 augustus 1721, Roggeveen was intussen al 62 jaar oud, vertrok de expeditie vanaf Texel. De vloot bestond uit drie schepen; de fregatten de Arend en de Tienhoven en de kleinere hoeker De Afrikaanse Galei. Roggeveen voer in de rang van commandeur met de kapiteins Jan Coster, Cornelis Bouman en Roelof Rosendaal. De totale bemanning bestond uit 244 mannen waaronder ca, 60 soldaten. Roggeveen reisde zelf mee op de Arend. Doel: het onbekende Terra Australis Incognitate te ontdekken. Het zou een barre tocht worden.

Een hoeker op de nering

 

Tussenstops

De kleine vloot voer via Het Kanaal langs de west Europese kust. Ze passeerde Madeira om vandaar de oversteek naar Zuid-Amerika te maken. Op 19 november werd het Braziliaanse San Sebastian aangedaan. Hier bleef men twee weken voor anker om vers proviand en drinkwater in te nemen.

Na vertrek werd Kaap Hoorn gerond en was het weer uitkijken naar een nieuwe plaats om te provianderen voordat ze de Stille Oceaan op zouden varen. Kwalijk genoeg, onderweg waren ze de Tienhoven kwijt geraakt.

Ze spotten het eiland Juan Fernandez ten westen van de Chileense kust. Hier gingen de Arend en de Afrikaanse Galei op 25 februari 1722 voor anker. Tot hun grote verbazing zagen ze de Tienhoven, die hier al tien dagen in de baai voor anker lag.

Paaseiland – kaart Eric Gaba

Paaseiland

De weer complete vloot vertrok op 17 maart om in Westelijke richting te varen , het onbekende tegemoet. Op 5 april kreeg de kleine Afrikaanse Galei land in zicht. Het bleek een klein, onondekt eilandje te zijn. Omdat het die dag Pasen was, noemde Roggeveen het Paasch Eyland.

Er werd rook gezien, dus men ging er vanuit dat het bewoond moest zijn. Er stond zware branding. Men probeerde enkele dagen tevergeefs de kust van het eiland te bereiken, maar dat mislukte steeds. Een van de eilandbewoners liet zien hoe het wel moest. Hij ging op onderzoek en voer naar de Tienhoven. Kaptein Bouwman bracht de man meteen naar de Arend om hem met Roggeveen kennis te laten maken.

Moai beelden wikimedia Commons

 

Aan land

Het duurde nog tot 10 april voor 134 man er in slaagden voet aan land te zetten. De eilandbewoners reageerden vol enthousiasme op dit onverwachte bezoek. Zo enthousiast dat het op een aantal bemanningsleden als bedreigend overkwam. Hoewel de orders van Roggeveen duidelijk waren, begonnen ze tegen deze orders in op de bewoners te schieten. Minstens 10 mensen werden gedood.

 

Ondanks deze treurige gebeurtenis wilde Roggeveen toch het eiland verder verkennen. De bemanning probeerde de band met de bewoners te herstellen, bestuurde hun gewoonten. En uiteraard werden ze verbluft door de grote stenen beelden – de moai – die ze daar aantroffen.

Het eiland is met 163,6 vierkante kilometer ongeveer even groot als het Nederlandse waddeneiland Texel (170 km²).

Schermutselingen op Paaseiland – Zeeuwse Bibliotheek

 

De inheemse naam voor het eiland is ‘Mata ki te rani’ of ‘Ogen die naar de hemel kijken’. Deze benaming slaat op de moai, met de merkwaardige oogkassen die inderdaad schuin naar de hemel zijn gericht.

De naam

Overigens, na de toevallige ontdekking door Roggeveen was het eiland 48 jaar zoek. In 1770 herontdekten de Spanjaarden en gaven het de naam Isla San Carlos.

De wereldberoemde Engelse ontdekkingsreiziger James Cook die zowat de gehele Stille Oceaan doorkruist heeft, landde er op 13 maart 1777.

Toch werd de naam niet definitief aangepast. Ze vertaalden de naam die Roggeveen aan het eiland had gegeven is Easter Island en Isla de Pascua.

Paaseiland met de moai beelden

Verder

Uit verdere verkenning werd duidelijk dat dit eland zeker niet een voorbode voor het gezochte Zuidland kon zijn. Reden om de ankers te lichten en verder te zoeken. Roggeveen ontdekte tal van onbekende eilanden die nu namen hebben als Tikei, en de eilanden die deel uitmaakten van de Toeamotoe archipel. Nu Frans Polynesië.

Takapoto, een atol binnen deze archipel werd de Afrikaanse Galei noodlottig. Het schip strandde op het koraal en zat onwrikbaar vast en werd als verloren beschouwd.

Het grootste deel van de bemanning wist zich op het atol in veiligheid te brengen. Ze werden later in veiligheid gebracht en verdeeld over de Arend en de Tienhoven. Maar de Afrikaanse Galei had het grootste deel van de voedselvoorraad aan boord. Deze verdween ook in de golven. De bemanning ging zware tijden tegemoet.

Expeditie afgebroken

Op de schepen slonken de voorraden. Het eten werd zwaar gerantsoeneerd. Van de 244 mannen die aan de reis waren begonnen waren er ongeveer 100 overleden aan scheurbuik. De stemming onder de bemanning stond sterk onder druk. Het Zuidland lag niet waar Roggeveen had gezocht.

De expeditie was mislukt en Roggeveen besloot huiswaarts te keren. Hij koos voor de meest zekere weg en die liep via Batavia.

De rede van Batavia omstreeks 1730

Ruzie met de VOC

Omdat Roggeveen onder de WIC vlag voer, werden de Arend en de Tienhoven verschillende keren aangehouden in de Indische archipel. Zij voeren immers binnen het octrooigebied van de VOC. Om die reden werden de schepen bij aankomst op de rede van Batavia in beslag genomen. Ondanks hevige protesten van Roggeveen werd de lading verkocht en dat was het begin van een langdurende juridische strijd.

 

Thuiskomst

De bemanning van de Arend en de Tienhoven werd verdeeld over 21 schepen van de retourvloot van de VOC en zo naar Nederland terug gebracht. Roggeveen werd aan boor van de Commerrust gezet en arriveerde in juli 1723 op Texel.

De reis van Roggeveen

Na zijn reis vestigde hij zich opnieuw in Middelburg waar hij op 31 januari 1729 overleed in zijn woning aan de Blauwedijk

Loeres

Ondanks zijn mislukte ontdekkingsreis heeft Roggeveen ons land iets om te lachen nagelaten.

De beeldhouwer Edo van Tetterode vervaardigde een beeld dat een kopie was van een beeld van Paaseiland. Een ‘toevallige’ passant vond het beeld op het strand bij Zandvoort en meldde dat meteen bij de kustwacht.

Loeresbeeld aangespoeld in Zandvooer Beeld Zandvoort Vroeger

Er ontstond een heuse mediastorm: het nieuws haalde alle voorpagina’s en bereikte zelfs het buitenland. Een zogenaamde Paaseiland-deskundige (een vermomde Edo van Tetterode) kwam, over uit Scandinavië om het beeld, de ‘Loeres’, te bestuderen. Deze hele grap was samen met de NCRV in scène gezet: Van Tetterode onthulde pas dagen later de grap tijdens de live-uitzending van Brandpunt. Het was het begin van een rijke 1-april traditie met grappen op nationaal niveau.

Edo van Tetterode

 

 

 

Beeldhouwer en toneelspeler Van Tetterode richtte na deze succesvolle grap het Nationaal 1-april Genootschap op. Dit Genootschap reikte vanaf 1963 tijdens de ‘Prix de Joke’ jaarlijks de bronzen Loeres uit aan de beste grap van het jaar. Dit om de humor van het land te bevorderen. Loeres is overigens afgeleid van ‘Iemand een loer draaien’.