Op 14 januari 2016 reageerde Nederland geschokt en vol mededogen. Op het strand bij Texel waren maar liefst zes Potvissen aangespoeld. In een periode die daarop volgde stranden nog 24 van deze reusachtige zeezoogdieren aan op de kusten van Engeland en Duitsland. Een enorme reddingsoperatie kwam op gang, maar bleek vergeefs. De walvis werd al jaren bedreigd en tal van acties werden gevoerd om deze groep van dieren voor uitsterven te behoeden.

Potvis op het strand

Potvissen

De potvis (Physeter macrocephalus) is een walvis uit de familie der potvissen (Physeteridae). Het is de grootste soort van de onderorde tandwalvissen (Odontoceti).

De potvis is de grootste tandwalvis en tevens een van de grootste roofdieren die bekend zijn in de dierenwereld. Mannetjes worden tot 18 meter lang en vrouwtjes tot 11 meter, het gewicht kan tot 50 ton bedragen. De lichaamskleur is donkergrijs en in het licht van de zon vaak bruinig. De tanden van de potvis zijn gedegenereerd, alleen de mannetjes hebben tanden en deze groeien alleen in de onderkaak.

50 ton vliegende vis

Voeding

De potvis leeft voornamelijk door zich te voeden met, onder andere  reuzeninktvissen, enorme pijlinktvissen. Een potvis kan deze vangen tot op een diepte van 3.000 meter. Soms jagen ze in groepen waarbij elk exemplaar zijn eigen, wisselende taak heeft.

De potvis beschikt over 3.000 liter bloed. Hierin kan een enorme hoeveelheid zuurstof worden opgeslagen waardoor ze tot wel 2 uur onder water kunnen blijven.

De potvis is een slokop en eet gemiddeld per dag 3 procent van zijn eigen lichaamsgewicht (15.000 kilo) aan prooidieren.

Altijd groot nieuws

Amber

Een afvalproduct uit de darmen van potvissen, amber, wordt gebruikt bij de productie van parfum. Amber wordt gevormd uit de verteerde rugschilden van inktvissen, het hoofdvoedsel van potvissen. Ambergris, zoals het wordt genoemd, wordt gebruikt als geurstof bij de productie van parfum. Door de hoge prijs en de onzekere aanvoer en kwaliteit wordt het nu nog maar weinig gebruikt.

Om u een idee te geven, De grootste klomp ooit gevonden, woog 455 kg en werd in 1914 in Londen verkocht voor 23.000 pond, wat in april 2013 (rekening houdend met de inflatie) ongeveer 1,6 miljoen pond zou zijn.

Brokken amber, uit de Noorzee opgevist – foto Ecomare

Jacht

Wereldwijd werd er protest aangetekend tegen de ongebreidelde jacht op walvissen. Men was bang dat deze reuze zeedieren het einde van de vorige eeuw niet zouden halen. Door internationale verdragen is de jacht op walvissen sterk aan banden gelegd. Door Canada, IJsland, Japan en Noorwegen en enkele andere landen wordt op niet-bedreigde kleinere walvissoorten gejaagd voor consumptie – soms onder het mom van wetenschappelijk onderzoek. De mensheid kreeg sympathie voor de walvis.

Aanspoelen

Het komt regelmatig voor dat een potvis aanspoelt. In december 2017 belandde een potvis op het strand Brooklyn Beach bij  Domburg. Het indrukwekkende dier was van kop tot staart gemeten 13,5 meter lang. Honderden mensen kwamen kijken naar het dier.

De Potvis op het strand bij Domburg

Meestal gaat het om jonge mannelijke dieren. Jonge mannetjes trekken vaak weg uit de kudde en gaan op zoek naar andere gronden om voedsel te vangen. In dit geval ging het om een volwassen mannelijk dier dat bij opkomend tij aanspoelde. Vast stond dat het dier was verdwaald. Normaal gesproken leven ze in de Noordelijke IJszee. Mogelijk was deze man op weg naar de evenaar waar ze paren in de omgeving van de Azoren. Opmerkelijk is dan ook dat als potvissen aanspoelen het meestal in de wintermaanden is. Toch op weg naar warme gebieden?

Terug in de tijd

Hoewel het nog steeds een spektakel is als een potvis aanspoelt op een strand komt het dus regelmatig voor en het is voor ons verklaarbaar. Anders was dat enige eeuwen geleden.

Op 16 januari 1606 spoelde op een zandplaat bij Brouwershaven een potvis aan. Een onbekende schilder legde het tafereel vast. In een cartouche vermeldde hij de maten van het ‘Monster’. In het rijm onderaan het schilderij ‘verstopte hij, in Romeinse cijfers, het jaartal 1606.

Opmerkelijk is dat het dier een grijze bal in zijn bek lijkt te hebben, vermoedelijk is dat uitgespuwd amber. Wellicht heeft het dier in in haar laatste minuten gepoogd de bal uit te kotsen.

De potvis van 1606 – Stadhuismuseum Zierikzee

Brouwershaven

Het schilderij hing eeuwenlang in het stadhuis van Brouwershaven. In 1900, toen het in slechte staat verkeerde, noemde een van Nederlands bekendste kunstkenners het een waardeloos werk. Achttien jaar later zag een collega het anders: de afbeelding had dan misschien wel geen kunsthistorische waarde, zij was zeker van geschiedkundig en wetenschappelijk belang.

Geld voor restauratie was er evenwel niet. Uiteindelijk besloot het gemeentebestuur het schilderij aan het Natuurhistorisch Museum in Leiden te schenken, mits Brouwershaven een reproductie kreeg. Restaurator-kunstschilder H. G. Luitwieler maakte toen een kopie. Het origineel bevindt zich nog steeds in Leiden; de kopie kwam na de gemeentelijke herindeling van 1997 in het bezit van de gemeente Schouwen-Duiveland, waar het momenteel te bewonderen is in het Stadhuismuseum.