1. De Tachtigjarige Oorlog stond aan haar begin. De kaarten moesten nog worden geschud en de stellingen ingenomen.

Philips II – Koning van Spanje

 

 

Oorzaak

De opstand kwam vooral voort als reactie op het harde optreden van de Spaanse koning. Hij wilde onder alle omstandigheden het katholieke geloof binnen zijn rijk bewaken. Philips had de hertog van Alva opdracht te geven het verzet van de protestante tegenbeweging hoe dan ook de kop in te drukken. Daarbij ging de laatste niet bepaald zachtzinnig te werk.

Geuzen

Hoewel de Nederlanden in 1572 nog niet echt goed georganiseerd waren, was de bereidheid om zich te verzetten groot. Er hadden zich troepen gevormd die onder de naam Geuzen in opstand kwamen en geweld niet schuwden, Ze waren te onderscheiden in bos- en watergeuzen. Watergeuzen hielden zich aan het begin van de Nederlandse Opstand op zee op als zeerovers of vrijbuiters en maakten de kustdorpen onveilig.

Galeien met gewapende Geuzen

 

Ontstaan

Na de uitvaardiging van strenge plakkaten tegen de opkomende ketterij onder landvoogdes Margaretha van Parma en de repressie van Alva tegen de opstand die met de Beeldenstorm gepaard was gegaan, hadden grote aantallen edele en rijke calvinisten vrijwillig of gedwongen het land verlaten, meestal met verbeurdverklaring van hun goederen tot gevolg. Zij die het zich konden veroorloven vluchtten naar het buitenland, anderen verborgen zich en gaven zich over aan struikroverij. Velen trachtten zich in Engeland te vestigen, maar een groot aantal bleef als watergeus op zee actief. Deze bannelingen en oproerlingen waren vermengd met dieven en avonturiers. Het was een mix van beschaving en verloren rijkdom met uitschot van de maatschappij.

Afkomst

De meeste Watergeuzen waren afkomstig uit Holland en Zeeland. Dit is terug te koppelen aan de natuurlijke vertrouwdheid van deze gewesten met de zeevaart. Het leeuwendeel van hen was verbannen of voortvluchtig. Van de 42 tussen 1566 en 1568 actieve kapiteins bij de watergeuzen waren er 32 door de Raad der Beroerten veroordeeld. Hoewel bij de gewone scheepsbemanning ondervertegenwoordigd, oefenden mannen uit de Zuidelijke Nederlanden relatief gezien vaker een bevelhebbende functie uit in de vloot van de watergeuzen.

Oranje

Deze vrijbuiters verstoorden de handel in de Zeventien Provinciën. Hun schepen kruisten voortdurend aan de grote riviermondingen en aan de mondingen van de Zuiderzee. Ze  legden zich in de vaargeulen waar de koopvaardijschepen moesten passeren.

Diederik Sonoy

 

In 1568 had Willem van Oranje zich met de Watergeuzen in contact gesteld en aan Diederik Sonoy en anderen had Lodewijk van Nassau, in naam van zijn broer, kaperbrieven overgereikt om zijn onderneming te steunen. Daarna voerden ze een eerste Zeeslag op de Eems uit. Hun vloot werd later nog versterkt door hugenoten uit La Rochelle. Ook monsterden zij hongerende Zeeuwse en Hollandsche schippers en een aantallen werkloze Waalse arbeiders die voor hun geloof vreesden aan. De Geuzen veranderden in een meer en meer geregeld leger.

Watergeuzen veroveren Den Briel – 1 april 1572

 

 

Den Briel

De inname van Den Briel op 1 april 1572 was het eerste grote succes van de Oranjegezinde watergeuzen. Deze overwinning veroorzaakte een kettingreactie. Vooral op Walcheren. De bevolking van Vlissingen kwam in opstand en de stad werd ingenomen door de Watergeuzen onder leiding van Jacob Blommaert.

Plunderingen

Nu waren de Geuzen ook niet direct lieverdjes. Zij trokken plunderend door de streek. Hoewel het voornamelijk alles wat katholiek was, het moest ontgelden. Dat laatste was te zien aan het aantal kerken dat in brand werd gestoken.

Sancho d’Avila

 

Arnemuiden

In opdracht van Alva werd generaal Sancho d’Avila met een grote troepenmacht naar Arnemuiden gestuurd om het ergste te voorkomen. Maar door de Spanjaarden werd de stad leeg geplunderd en verwoest. Bij deze ‘veiligstelling’ van Arnemuiden verloren honderden inwoners het leven.

Intussen gingen de Watergeuzen door. Veel dorpen werden door hen ingenomen. De ramp in Arnemuiden was voor veel Zeeuwen de druppel die de emmer deed overlopen. Veel steden en dorpen, waaronder Arnemuiden en Veere werden Oranjegezind. Alleen Middelburg bleef de Spaanse koning trouw en werd gedurende lange tijd belegerd.

Beleg van Middelburg

 

De opstand

We kunnen dus met zekerheid stellen dat de opstand ontstond in Zeeland. Ze kwam van onderop en van binnenuit. Gewone mensen zoals vissers uit de Scheldedelta, de draaischijf van de internationale economie leden armoede. Daarnaast vreesden ze voor inkwartiering van Spaanse tropen.

In het voorjaar van dat jaar schaarde Veere zich aan de kant van de opstand. De opstand vormde de bakermat voor het ontstaan van de Republiek der Verenigde Nederlanden en daarmee gelijklopend de Nederlandse Gouden Eeuw. Deze begonnen niet zozeer in Holland, maar in Zeeland. Na de inname van Den Briel waren het de Zeeuwen die zich als eerste aansloten bij de opstandelingen van Willem van Oranje.

De belangrijkste drijfveren waren vooral, naast de al genoemde armoede, vrees voor een hoge belastingdruk, het beleid van Alva, beperking van de godsdienstvrijheid en, vooral in Vlissingen, de bouw van een Spaanse citadel.

Veere in 1572

Twijfelaars

Deelname aan de opstand en kiezen voor Oranje was bijzonder risicovol. Mislukte deze dan zouden steden hun privileges verliezen en zouden harde straffen volgen inclusief confiscaties voor de bewoners. In dat voorjaar zijn er voor de bewoners keuze geweest uit drie mogelijkheden:

  • Een minderheid die zich bij de opstand wilde aansluiten;
  • Een kleine minderheid die onder alle omstandigheden de Spaanse koning trouw wilde blijven;
  • Een grote middengroep die er geen bezwaar tegen had dat het onder Spaans gezag bleef, maar in geen enkel geval Spaanse garnizoenen in de stad wenste.

Er was geen stad in Zeeland waar de verdeeldheid zo groot was als in Veere. Nadat Vlissingen de kant van Oranje had gekozen, werd in Veere in allerijl een burgerwacht geformeerd. Deze moest er voor zorgen dat de neutraliteit van de stad gehandhaafd bleef. Maar het is niet uitgesloten dat een meerderheid van de Veerse regering het tijd nog niet juist achtte over te gaan tot actie en steun aan de opstandelingen te verlenen.

Omslag

Het liep voor de Stadsbestuurders echter anders. Op 27 april vergaderden de schuttersgilden van de stad. Zij waren bijeengekomen om hun standpunten uiteen te zetten.

Naar het schijnt zou er een afspraak zijn gemaakt tussen de burgerij en de magistraat dat de stad geen van de strijdende partijen toe zou staan de stad te betreden.

Toen de komst van Spaanse troepen werd gemeld wilde een Veerse burgemeester in het geheim buskruit naar het Spaans gezinde Middelburg over brengen. Het wankele evenwicht onder de bevolking kwam hiermee tot een einde en de balans sloeg door in het voordeel van aansluiting bij de opstandelingen.

Campveerse Toren- Foto Flickr – Publiek Domein Wiki

 

Op de nacht van 3 op 4 mei wisten veertig geuzen onder leiding van  Jerome Tseraerts, een Brabantse jonkheer en Jacob Simonszoon de Rijk de stad binnen te komen.  Het verhaal gaat dat de bezetting van de Spanjaarden binnen de stad uit weinig manschappen bestonden, en daarbij werden de Geuzen geholpen door de burgerbevolking. De leidinggevende op dat moment, Hendrik de Rolle, werd door twee man van een trap gegooid en via de Campveerse Toren  de stad uit gejaagd.

Op 4 mei 1572 sloot Veere zich aan bij Willem van Oranje en de Opstand.

Inzameling

De aansluiting bij de opstand hield echter wel in dat er geld nodig was voor ‘De Strijd van de Gemene Zake’ zoals de naam van het nieuwe landsbelang werd genoemd. En hier deed zich iets zeldzaams voor. In het Archief van de Stad Veere is een document opgedoken waarop de namen van zeventien gewone burgers uit de stad. In het prille begin van hun aansluiting bij Oranje leenden zij spontaan geld dat nodig was om de oorlog te financieren, hoewel de uitslag volledig ongewis was. Daarmee verbonden zij hun politieke en financiële lot met dat van Oranje.

De lijst van deelnemers aan de lening